De inspanningen van BON zijn te prijzen. Verbrugge doet goed werk.
Alleen heb ik een vrees. Deze is politiek van aard.
De kwaliteit van het onderwijs gaat, zoals BON terecht signaleert, al jarenlang achteruit. De politiek ziet dit ook, die is niet gek, maar doet er niets tot weinig aan.
Hoe valt deze houding van de politiek te verklaren?
Een verklaring ligt in de opkomst sinds de jaren ’80 van een oligarchie die internationaal is georiënteerd.
Heeft Nederland een tekort aan ict-specialisten, dan haalt het deze eenvoudigweg uit India: dat is goedkoper dan eigen mensen op te leiden.
Onderwijs is een grote kostenpost voor een land. Aangezien door de globalisering iedere nationale prioriteit is verdwenen, haalt men geschoolde mensen daar ter wereld waar zij voor veel lagere kosten zijn opgeleid.
Het lijkt wel alsof iedere loyaliteit van de politiek aan de Nederlandse burger en zijn onderwijs is verdwenen.
De onderwijs problematiek past in een breder fenomeen van de achteruitgang van de openbare ruimte. De achtergrond hiervan is het vervagen van de nationale staat.
Alleen een radicaal andere politiek met een nationale prioriteit kan het nationale onderwijs een impuls geven. Vooralsnog is zoiets niet te verwachten. Met het vervagen van de nationale staat zakt het openbare, uit algemene middelen betaalde onderwijs verder weg.
Zolang men gebonden is aan de internationale oligarchie, voor wie het Nederlandse onderwijs geen prioriteit heeft, is er geen hoop op verbetering.
Wat BON voor het onderwijs doet zou eigenlijk voor de hele nationale politiek moeten gebeuren: een soort New Deal. De globalisering in haar huidige vorm is funest voor niet alleen het onderwijs in Nederland, maar ook voor de nationale economie, voor alle overheidsdiensten.

Kinderen van politici
Het zou interessant zijn om te weten waar de kinderen van politici naar school gaan en naar welke universiteit ze gaan.
De kinderen van Adelmund zaten op een particuliere school als ik het me goed herinner. Veel kinderen van politici zullen wel op een ‘internationale school’ zitten (met kinderen van ambassadeurs) en in de VS of het VK studeren.
Kennis
Is een essentiele grondstof voor de economie. Die kun je nergens uit de grond of uit de lucht halen; die moet je scheppen. Toegepaste kennis vind je terug in bedrijven; zuivere kennis wordt ontwikkeld door specialisten in een ‘vrijgesteld’ onderzoeksmilieu. Dat ‘zuivere onderzoek’ kun je niet overlaten aan bedrijven, dat is een taak die een overheid op zich moet nemen. Bedrijven zullen geen onderzoek doen naar bouwstenen van de materie (CERN); kernfusie reaktoren; cosmologie; … maar hebben wel groot belang bij de resultaten ervan.
Daarom is het voor Nederland belangrijk dat we een vinger in de pap houden bij zulke projecten en mensen opleiden die daar een steentje aan kunnen bijdragen. En zoals topatleten een piramide aan minder getalenteerde atleten nodig hebben geldt dat ook voor onderzoekers.
Dat de ‘internationale oligarchie’ zich daar niet naar gedraagt ontslaat de politiek niet van de noodzaak om te zorgen voor goed onderwijs, niet alleen gericht op directe toepasbaarheid maar ook op fundamenteel onderzoek. De ‘New Deal’ is niet het gekneuter van “Nederland Kennisland’.
Internationale oligarchie
Eigenlijk heb ik niet zo veel in te brengen tegen dit betoog van “de ander”. Hooguit dat “radicaal andere politiek” misschien ook wel weer de nodige problemen voor burgers met zich meebrengt. Het proberen te vernieuwen van het onderwijs is een illusie gebleken, en bij economieën is het ook al eerder compleet misgegaan. Het is maar hoe radicaal je het wilt, maar zelfs een partij als de SP houdt niet van al te grote stappen ineens (lees: “Hoe dan, Jan? Een gesprek over nieuw optimisme in tijden van crisis”). En dat lijkt me verstandig.
Wat ik dus mis ik een conclusie. Met “zoiets is niet te verwachten” en “is er geen hoop voor verbetering” kan ik niet zoveel; wat heeft volgens de ander dan wél zin? Waar we nu in BON mee bezig zijn? Of juist niet? Of moeten we passief afwachten tot het eerst nog erger wordt?
Passief afwachten tot het erger wordt?
De crisis van het onderwijs is ingebed in een bredere crisis die alle gebieden van de maatschappij beslaat.
Dat maakt het moeilijk adequaat te reageren op de ontstane situatie. Dit kan overkomen als passiviteit.
Wat Bon doet heeft wel degelijk zin, zelfs al zou zij geen van haar doelstellingen realiseren. BON laat een tegengeluid horen dat door geen enkele onderwijsspeler kan worden genegeerd. Dat is een goed op zichzelf.
De aard en de omvang van de politieke en maatschappelijke crisis moet eerst goed zijn doorgedrongen tot de personen die de mogelijkheid hebben iets daadwerkelijk te veranderen, wil er iets gebeuren.
De vraag die machthebbers zich moeten stellen is deze: willen zij door met Nederland als nationale staat, of niet?
Zo ja, dan zijn de te treffen maatregelen vrij duidelijk. Deze komen neer op een herstel van de nationale soevereiniteit. Vitale onderdelen hierbij zijn een nationale munt, een eigen leger en politie, een zelfstandige buitenlandse politiek, eigen centra van fundamenteel wetenschappelijk onderzoek, en een goed onderwijssysteem.
Besluiten personen met invloed dat de tijd van de nationale staat voorbij is, dan ontstaat er een heel ander scenario.
De hamvraag voor de bevolking is dan deze: hoe uit de klauwen te blijven van een usurperende oligarchie. Een oplossing zou zijn het herinvoeren van een goudstandaard, omdat dit de financiële speculatie uitroeit. Echter, gevreesd moet worden dat dit onhaalbaar is omdat duistere krachten dit zullen dwarsbomen. Dan rest burgers niets anders dan het in het leven roepen van locale en regionale vormen van krediet ter financiering van infrastructuur en diensten en dus ook onderwijs.
Ik besef dat dit allemaal nogal bizar klinkt, maar ik denk werkelijk dat de crisis zo diep gaat. De minst radicale en meest realistische oplossing lijkt mij een terugkeer naar de soevereine staat.
Soevereiniteit
Ik begin spijt te krijgen dat ik op dit betoog gereageerd heb en weet niet of ik er goed aan doe er verder op te reageren.
In een meer soevereine staat kan het onderwijs door bezuinigingen, hoogdravend idealisme en andere domme beleidsfouten alsnog met gemak om zeep geholpen worden. Als rijke mensen en bedrijven in een soevereine staat dreigen dat ze het land verlaten als ze geen belastingverlaging krijgen, dan sta je, als ze dat ook daadwerkelijk doen, mooi in je hemd met je soevereine staat. En in een minder soevereine staat kan het nog best goed gaan. Kijk naar Finland: EU-lid en heeft de euro. Het is maar wat je als bevolking in een land belangrijk vindt.
Duistere krachten de schuld geven is natuurlijk altijd lekker makkelijk. Schurken dat ze zijn, die duistere krachten die het allemaal verpesten voor ons actieve, betrokken, welwillende burgers.