Gelezen in NRC Handelsblad van 21 juni 2007: “De archivarissen van Nederland zijn in beroering door een personeelsadvertentie van het Rijk over een nieuwe algemeen rijksarchivaris. In een brief aan minister Plasterk (PvdA, OCW) heef de Koninklijke Vereniging van Archivarissen in Nederland (KVAN) zijn bezorgdheid uitgesproken.
De minister zoekt volgens de advertentie „een inspirerende man/vrouw die beschikt over de visie en het vermogen om het Nationaal Archief verder te ontwikkelen als toonaangevende culturele erfgoedinstelling.” Verder wordt gezocht naar een „autoriteit op het gebied van geschiedenis en cultureel erfgoed, met affiniteit met de archiefsector.”
De KVAN vindt dat deze omschrijving een te smalle basis biedt voor een deskundige inbreng. Bovendien is voor Plasterk het diploma archivistiek geen vereiste meer. De nieuwe rijksarchivaris mag dat diploma ook later halen. Dit betekent volgens KVAN „dat de algemeen rijksarchivaris bij aantreden niet capabel is voor wat betreft de archiefwettelijke taken.”
Volgens KVAN-voorzitter Fred van Kan is de rijksarchivaris zo’n belangrijke man, dat hij of zij alleen met gezag kan spreken met het diploma op zak.
De algemeen rijksarchivaris is tevens directeur van het Nationale Archief, hij heeft invloed in heel archiefland en hij moet de minister adviseren. „Bovendien gaat het om een universitaire opleiding, dat diploma haal je er in zo’n functie niet zo maar even bij.”
De KVAN kan zich beroepen op de Archiefwet, waarin staat dat de rijksarchivaris een diploma archivistiek moet hebben. De vacature is dus in strijd met de wet.
De nieuwe rijksarchivaris moet eind dit jaar de opvolger worden van Dr. Maarten van Boven (62) die vanaf 1997 in dienst is. Daarvoor was hij rijksarchivaris in verschillende provincies. Onlangs roerde hij zich in de discussie over het weggooien van een deel van het schaduwarchief van de Tweede Kamer. Ook begaf hij zich in de discussie over het Nationaal Historisch Museum.
Het Nationaal Archief herbergt duizend jaar Nederlandse geschiedenis, te vinden in honderd kilometer documenten, één miljoen foto’s en 300.000 kaarten en tekeningen. ”
