Laffe hervormers
De commissie Dijsselbloem heeft kritiek uitgeoefend op de invoeringen van onderwijshervormingen waarbij tevoren in voldoende mate onderzocht is of die in hun totaliteit wel verbeteringen zouden brengen. Je kunt het ook anders zien. De hervormers eisten algehele doorvoering om zo nodig te verbergen dat ze ongelijk hadden. Bij twee systemen naast elkaar blijkt na een aantal jaren vanzelf of de vernieuwingen het onderwijs verbeterd hebben. Maar nu kun je het mislukken van verniewingen op de veranderde leerlingenpopulatie schuiven “leerlingen kunnen zich door de afleidingen buiten de school minder goed concentreren”, “leerlingen zijn assertiever geworden” en “door het grote aantal allochthonen zijn de klassen inhomogeen geworden”.
