De oorlog is van alle tijden. Vroeger had je stammenoorlogen, vervolgens oorlogen waarbij koningen of krijgsheren hun macht of gebied probeerden uit te breiden. Toen kreeg je oorlog tussen volkeren zoals het geval was bij de Volkerenslag bij Leipzig. En na het tijdperk van de ideologische oorlogsvoering zijn we beland in het tijdperk van economische oorlogsvoering met als spectaculair kenmerk de cyberoorlog. Daarbij vloeit geen bloed meer maar de verliezer kan wel zijn welvaart en macht verliezen. Nederland wapent zich om deze oorlog met succes te kunnen voeren.
Daarom heeft Nederland een dienstplicht ingevoerd. Geen militaire dienstplicht, want er wordt wereldwijd bekeken maar weinig geschoten, maar een onderwijsdienstplicht. Niet voor 18plussers maar voor 18minners. Niet voor directe inzetbaarheid maar voor langdurige inzetbaarheid naderhand. De nieuwe jeugdigen moeten er voor zorgen dat onze hoog ontwikkelde Nederlandse samenleving zijn welvaart in de toekomst niet kwijt raakt aan de achterlopende maar zich veel sneller ontwikkelende samenlevingen in Azië en nu zelfs in Afrika.
Is dat nu echt het doel van het onderwijs? Laten we kijken naar een recente beschouwing van Floor Rusman in de NRC. De economiehistorici pa en zoon Skidelsky merken op dat de politici tegenwoordig alleen voorstellen durven te bepleiten met utilitaire (op efficiëntie gerichte), niet met morele argumenten. Dat geldt ook voor het onderwijs, zoals wij gemerkt hebben bij het verdwijnen van de bevlogen PvdA-ers uit het ministerie van onderwijs. “Dat [onderwijs] zou je belangrijk kunnen vinden omdat daar ruimte is om burgers belangrijke waarden te leren. Maar pleidooien voor investeren in onderwijs gaan tegenwoordig altijd samen met termen als ‘terugverdienen’ en ‘kenniseconomie’.
Onderwijs staat nu vrijwel geheel in dienst van de strijd voor het behoud van onze grote welvaart. Scholen zijn kazernes geworden waar de leerlingen zich oefenen in vaardigheden. (De leerplicht is al veel eerder vervangen in een aanwezigheidsplicht, zij het om een heel andere reden: de pedagoochelaars geloofden niet meer in kennis als solide basis voor vaardigheden). De huidige scholier is een echte soldaat in de strijd voor onze welvaart geworden en merkt dat er steeds harder tegen desertie wordt opgetreden.
Het lijkt mij goed dat de overheid afziet van het maken van keuzes. De Australische en de Canadese autoriteiten haalden kinderen van Aboriginals resp. Indianen bij hun ouders weg om hen de westerse normen en waarden bij te brengen. Katholieke meisjes in Nederland en Ierland die bezwangerd waren werden 75 jaar geleden nog in een strafinternaat ondergebracht terwijl de bezwangeraars vrijuit gingen. Je reinste, nee ik bedoel juist onfrisse sexediscriminatie. Dus overheid, bemoei je alsjebelieft NIET met ethiek. Maar het mag niet zo zijn dat wij ouders (veel leraarleden van BON zijn tevens ouder!) onze kinderen alleen naar een school mogen sturen die door de overheid gesubsidieerd wordt met het idee dat het geld zich wel terugverdient en die een bestuur heeft met werkelijkheidvreemde ideeën over naar inhoud en structuur goed onderwijs en leerlingen binnen probeert te krijgen op een wijze die een directeur van een pretpark niet zou misstaan. Scholen moeten ook geld en tijd besteden om tegemoet te komen aan wensen van ouders die zich niet in geld aan de maatschappij laten terugbetalen. Overheid, laat leerlingen meer uit hun diensttijd halen dan het recht om mee te mogen delen in de welvaart.

Dalrympl liet met voorbeelden
Dalrympl liet met voorbeelden zien hoe er niet een directe relatie hoeft te bestaan tussen onderwijs en economische welvaart. Het economische systeem van een land (toestaan van vrijhandel, vrij ondernemerschap, vrijheid en bezit) blijkt veel belangrijker voor de welvaart van een land. Zo liet hij zien hoe in Equatoriaal Guinee en Tanzania een alfabetiseringsprogramma vooral susccesvol was omdat mensen zo gemakkelijker een overheidsbaan konden krijgen, maar intussen bloedden die landen economisch dood.
Wij kennen natuurlijk de talloze voorbeelden van mensen die nauwelijks hebben gestudeerd maar die economisch succesvoller zijn dan de gemiddelde leraar.
Dalrymple concludeert dat onderwijs moet worden beschouwd als een waardevol goed op zichzelf. Dat is natuurlijk heel duidelijk als het gaat om feiten leren, talen leren en het aanleren van vaardigheden als lezen, schrijven en rekenen/wiskunde. Hij erkent ook dat een technologisch hoog ontwikkelde samenleving wel mensen vraagt die zich hebben ingewerkt in de verschillende benodigde vaardigheden. Zo'n leertraject vergt dan vele jaren.
Welvaart wordt voor een
Welvaart wordt voor een belangrijk deel gegenereerd doordat zoveel mogelijk mensen toegang hebben tot bepaalde instituties. Het kan om van alles gaan: toegang tot grond, toegang tot financiële diensten (spaar-/betaalrekeningen en leningen), toegang tot informatie, toegang tot recht, toegang tot gezondheidszorg en toegang tot het controleren en uitoefenen van macht (actief en passief kiesrecht). Het is niet eens zozeer alleen het economische systeem van een land dat er toe doet; wat daarmee in combinatie vooral ook veel uitmaakt is de kwaliteit van de overheid, en in hoeverre dus die overheid erin slaagt om zoveel mogelijk mensen, ongeacht bijvoorbeeld hun ras, sexe, capaciteiten en bezit, toegang te geven tot die instituties. Toegang tot goed onderwijs hoort daar natuurlijk ook bij, sterker nog: goed onderwijs zorgt ervoor dat je veel beter toegang kunt krijgen tot al die ándere instituties.
@Em70
@Em70
Welvaart komt vooral door vertrouwen. Een gebrek aan vertrouwen leidt tot hoge transactiekosten en situaties als "hamsteren" (wat suboptimale allocatie van middelen geeft). In het onderwijs zien we dit soort zaken ook: de enorme bureacratie (het invullen van allerlei formulieren) zijn min-of-meer transactiekosten en schoolbesturen met veel geld op de bank maken zich schuldig aan "hamsteren".
De kwaliteit van de overheid is belangrijk voor vertrouwen.
Zelfs een belangrijke focus
Zelfs een belangrijke focus op wetenschap blijkt niet vanzelf tot een welvarende economie te leiden; dat konden wij zien bij de voormalige Sovjet-Unie.
Een mooi stuk over vertrouwen
Een mooi stuk over vertrouwen in de NRC door Bas Heijne. Hij legt niet de link met economische groei, maar het optreden van moderne "wetenschappers" en politici wordt prachtig blootgelegd.
Ik had het coomentaar in de
Ik had het coomentaar in de NRC wel gezien maar toen ik zag dat het over doping bij wielrenners ging haakte ik af. Zelden heeft de NRC zo veel papier opgeofferd voor een zodanig onbelangrijke gebeurtenis. Mijnheer Marx mag van mij die kluit beduvelen. Net zoals Tapie bij voetbal. Mundus vult decipi, ergo decipiatur. En ik ben lekker niet gelijkwaardig.
Al het om het milieu gaat gaat het over iets, zelfs over iets erg belangrijks. Dan is wetenschapsbedrog wel belangrijk.
Ik meen me haast met zekerheid te herinneren dat, toen het studiehuis ingevoerd werd, een rapport dat kort voor het kamerdebat hierover op het Ministerie van Onderwijs was binnengekomen meteen in een la verstopt werd. De commissie die het rapport had samengesteld en moest vertellen HOE het studiehuis het beste kon worden ingevoerd was tot de conclusie gekomen dat het beter was om het studiehuis helemaal niet in te voeren.
Het Departement van Onderwijs was helaas geen uitzonderlijk departement.