September 2006 sloot RegioPlan een onderzoek af naar onderwijstijd en lesuitval in het schooljaar 2005/06. Februari 2007 volgde de inspectie met een voor- en najaaronderzoek in 2006. December 2008 volgde weer een aflevering van RegioPlan. Of onderwijsactiviteiten voldeden aan de wettelijke bepalingen werd niet meegenomen.
Drie criteria waaraan onderwijsactiviteiten moeten voldoen omschreef min. van der Hoeven in de brief van 7 september 2006 [27451 – 60]:
1. het gaat om begeleid onderwijs: leerlingen kunnen «afdwingbaar» aanspraak maken op begeleiding;
2. het onderwijs moet deel uitmaken van het door de school geplande en voor alle leerlingen van een bepaalde stroom verplichte onderwijsprogramma;
3. het onderwijs moet onder verantwoordelijkheid van een leraar worden verzorgd die op grond van de wet met die werkzaamheden mag worden belast.
Met deze criteria als richtlijn deed de inspectie op 70 scholen onderzoek naar het inplannen van onderwijstijd in 2008/09 (januari 2010) [31289 – 79].
Uit de conclusie:
- Op iets meer dan tweevijfde deel van de onderzochte scholen voldoet de gerealiseerde onderwijstijd bij de ‘oude’ norm aan de wettelijke vereisten. Op 11 procent van de onderwijssoorten blijft het niet voldoen, beperkt tot één leerjaar. Als er te weinig tijd wordt gerealiseerd, dan is dat gemiddeld 35 klokuren onder de norm.
Voor de gerealiseerde onderwijstijd geldt dat bij hanteren van de ‘nieuwe’ norm voor de onderbouw bijna zeven tiende deel van de scholen aan de wettelijke vereisten voldoet.
In bijlage 1 over het beoordelingskader voor dit onderzoek een overzicht van activiteiten die voor het vullen van de onderwijstijd acceptabel zijn.
September 2009 ontvingen de scholen een schrijven waarin de staatssecretaris aandacht vroeg voor de cornielje-criteria voor onderwijstijd:
[3.] het onderwijs moet onder de pedagogisch-didactische verantwoordelijkheid van daartoe bekwaam onderwijspersoneel worden uitgevoerd;
[2.] het onderwijs moet deel uitmaken van het door de school geplande en voor de leerlingen verplichte onderwijsprogramma;
[1.] het onderwijs moet door een inspirerend en uitdagend karakter bijdragen aan een zinvolle invulling van de totale studielast van leerlingen.
Behalve de keuze voor een nieuwe volgorde wordt het begeleid onderwijs losgelaten…
Over eis 1:
- Het eerste criterium hierboven komt in de nieuwe wettelijke vereisten te vervallen en wordt vervangen door het criterium dat het onderwijs door een inspirerend en uitdagend karakter moet bijdragen aan een zinvolle invulling van de totale studielast van leerlingen. Over de vraag wat inspirerende en uitdagende onderwijsactiviteiten zijn, dient op school een dialoog te worden gestart tussen de school en de ouders, leerlingen en docenten.
Misschien dat nu met wat vernuft bij ouders en leerlingen en een ruimhartige interpretatie van dit criterium de norm gehaald wordt.
Volgens bijlage 3 van Een waarde van een norm [31289 – 49] werd de onderwijstijd als jaarnorm uitgevonden in 1993. Voor die tijd werd onderwijstijd gehanteerd als totaal aantal wekelijkse lessen die gedurende de hele cursus moet worden aangeboden. Een systeem dat nog steeds door onze oosterburen wordt gebruikt.
In een regelwerk van de mammoetwet uit 1965 [8453 – 4] wordt als totale weeknorm 190 lesuren genoemd.
Verder een aardig overzicht van lessentabellen voor de verschillende onderwijsvormen uit die tijd.
