Hannah Arendt over politiek en de betekenis van BON

De private levenssfeer onderscheidt zich van de publieke ruimte doordat eerst genoemde erop gericht is het leven van de buitenwereld af te schermen. Democratische politiek vereist een politieke ruimte waarin de grootst mogelijke openbaarheid is gewaarborgd. De openbaarheid is in de eerste plaats voorwaarde tot politieke vrijheid. Alleen daar, waar mensen zich op voet van gelijkheid aaneensluiten, kan vrijheid zich manifesteren. En in de tweede plaats is openbaarheid voorwaarde tot het ontstaan van een gemeenschappelijkheid, die noodzakelijk is voor echte meningsvorming. Waarnemingen, die in volstrekt isolement tot stand komen zijn te eenzijdig, te subjectief. In de openbaarheid wordt elke individuele waarneming aangevuld en/of gecorrigeerd. De objectiviteit van de werkelijkheid is gelegen in de intersubjectiviteit.

Hannah Arendt gaat uit van het anti-metafysische standpunt dat politieke vrijheid het vermogen inhoudt  noodzakelijke  ontwikkelingen te doorbreken door politiek handelen. Dit vermogen is identiek met het aangeboren vermogen een nieuw begin te maken. De mens is in potentie met vrijheid begiftigd.. Totalitaire systemen zijn er op uit deze menselijke vrijheid te vernietigen en te vervangen door geconditioneerde reacties. De handelende mens heeft de potentie het vanzelfsprekende te doorbreken. Politiek handelen is de verwezenlijking van deze vrijheid in de publieke ruimte.

Politiek handelen staat niet op zichzelf maar is verweven met de pluraliteit van het samenleven van mensen. Pluraliteit komt optimaal tot ontplooiing in de publieke ruimte waarin mensen elkaar bejegenen op een manier, die diametraal tegenover aangeboren en raciale verschillen staat. De principiële gelijkheid die binnen de publieke ruimte in acht genomen, is het resultaat van menselijke organisatie, van vereniging in de politieke betekenis van het woord. Hierbij kun je denken aan politieke partijen. Maar ook aan verenigingen als BON, denk ik.. Als gevolg van een veelheid aan standpunten ontstaat een subjectief in-between, een intersubjectieve openbaarheid waarbinnen de werkelijkheid een publiek gehalte krijgt. Tegenover Plato, die de innerlijke dialoog als benadering van filosofische waarheid superieur achtte breekt Hannah Arendt hier een lans voor een publieke uitwisseling van gedachten. Publieke opinie mag niet in de negatieve betekenis van een willekeurige stroom van ongenuanceerde meningen begrepen worden maar in representatieve zin. Publieke opinie betekent een onpartijdig standpunt, dat de meningen van anderen verdisconteert. Hieruit spreekt een groot vertrouwen in het woord en een afwijzing van geweld. Geweld is stom, dat wil zeggen zonder spraak, à-politiek,onvoorspelbaar.

Voor Hannah Arendt gaat het bij politiek handelen niet, en dit is essentieel, om het verwerkelijken van doelstellingen maat om onthulling en openbaring. Het menselijk handelen is in zijn uitkomst volstrekt onvoorspelbaar en de mogelijke gevolgen zijn onuitputtelijk. De politieke theorie is er van meet af aan op gericht een tegenwicht te zoeken tegen het onvoorspelbare en het ongewisse. Plato maakte een onderscheid tussen de in oorsprong met elkaar verweven begrippen archein (beginnen) en prattein (bereiken) in die zin dat het beginnen aan de meerderen wordt toegedacht, terwijl het bereiken, het verwerkelijken aan minderen wordt overgelaten. Zo ontstaat er een onderscheid tussen degenen die “weten zonder te handelen” en degenen die “handelen zonder te weten” waardoor de pluriformiteit van de politieke gemeenschap a.h.w. wordt droog gelegd. In plaats van vrijheid krijgen we uitvoeren van richtlijnen en gehoorzamen aan opdrachten. Het zicht op de

politieke remedies die de handelende mens ter beschikking staan om onherroepelijkheid en onvoorspelbaarheid het hoofd te bieden gaat verloren.

Er zijn twee actiemodellen waarmee de mens in vrijheid kan reageren op de onherroepelijkheid en onvoorspelbaarheid van de politiek.

  1. Door vergiffenis. Vergiffenis is niet in staat om het onherroepelijke verleden te keren maar kan wel het proces van actie en reactie tot stilstand brengen en een nieuw begin mogelijk maken.
  2. Het doen van beloften. Dit is de enige handelswijze die de onvoorspelbaarheid van het politieke gebeuren tracht in te perken met behoud van vrijheid en pluraliteit.

Tot zo ver Hannah Arendt. Dit zijn maar een paar fragmenten uit het hoofdstuk “Politieke vrijheid en de constitutie van pluraliteit” in “Op de bres voor vrijheid en pluraliteit” van Bart Prins (1990).

Ik denk dat Hannah Arendt ideaaltypisch enkele wezenlijke kenmerken en voorwaarden voor een democratisch politiek bestel heeft geschetst. Er blijven genoeg vragen over. Bij voorbeeld de nogal eenzijdige interpretatie van politiek als niet het beheersen en oplossen van sociale vraagstukken maar het verwerkelijken van vrijheid. Dat lijkt sterk in tegenspraak met wat we in de praktijk zien. Maar als ze het opofferen van democratische vrijheden met een beroep op het sociale voor ogen raakt ze toch een wezenlijk punt. Een dilemma dat ook speelde ten tijde van de Russische revolutie. Voor Poolse dissidenten ten tijde van Solidarnosc was Hannah Arendts revisie van de politiek belangwekkend, zo ook voor studenten op het plein van de “Hemelse Vrede”. Haar politieke theorie lijkt me van wezenlijk belang voor een echte liberale politiek. Hoe zij tegenover het verabsoluteerde marktdenken van het neoliberalisme zou hebben gestaan laat zich raden.

 

 

5 Reacties

  1. Kunt u de zin “Hannah Arendt gaat uit van het anti-metafysische standpunt dat politieke vrijheid het vermogen inhoudt noodzakelijke ontwikkelingen te doorbreken door politiek handelen” nader toelichten? Bedoeld u met “noodzakelijk” “door vrijwel door iedereen aanvaarde en als vanzelf sprekende maar bij nadere beschouwing toch ongwenste”?

  2. πραττειν heeft meer betekenissen als doen en uitvoeren. Zoals knoeien (kuipen) en afmaken (doden). Zeer toepasselijk als wij de begrippen op het onderwijsgebeuren toepassen. Er is echt een groot verschil met het Nazi-Duitsland waarmee Arendt te maken had. De “beginners” (regering en parlement) geven niet alleen opdracht om hun plannen uit te voeren maar ZOEKEN mensen die dat willen doen en die hun plannen aan andere mensen willen opleggen. De overeenkomst is dat je daar veel geld mee kunt verdienen. Maar je bent niet in levensgevaar als je weigert. En ook kunnen zij aan wie wordt opgelegd in opstand komen.

  3. Ik denk dat Hannah Arendt met noodzakelijke ontwikkelingen door mensen in gang gezette ontwikkelingen bedoelt, waarvan gezegd wordt dat ze buiten de mogelijkheid van het ingrijpen door menselijk handelen plaats zouden vinden als een soort natuurverschijnsel Het begrip “paradigma shift”, dat in verband met de veranderingen in het onderwijs nogal een gebruikt is zou daaronder kunnen vallen. We kunnen er toch niks aan doen. Zo gaat het nu eenmaal. Ook het technologisch determinisme lijkt me een goed voorbeeld.

Geef een reactie