Eindexamen en studiekeus in Frankrijk 6

25 maart 2007
EEN ‘CLASSE PREPARATOIRE’ KIEZEN
Door de wol geverfd want hier komt het 3e kind aan de beurt? Dat dacht U maar! Begeeft U zich hier www.letudiant.fr/etudes.html om een indruk van het aanbod te krijgen. De veelheid is verwarrend. Kennis van de procedure is veel belangrijker dan geld. Hier voelen vooral de leraarskinderen zich thuis, zij representeren de nieuwe ongelijkheid, waarom ook niet, iedereen op zijn beurt… Dezer dagen gaan de aanmeldingen voor de ‘classes préparatoires’ de deur uit. Met een eindexamencijfer van 12 zonder te zijn blijven zitten (op een schaal van 20) is het te doen. Wat dat eindexamen betreft: vanaf 10 ben je geslaagd, vanaf 8 krijg je een herkansing in september. De 70.000 (2006) kandidaten representeren 7 à 8% van de leeftijdscategorie. Het duurt 2 jaar, men moet rekenen op 60 à 70 uur/week ‘hard slog’, klassen met 45 à 50 leerlingen, de kandidaat moet psychologisch sterk in de schoenen staan, moet in staat zijn zijn eigen limiet af te tasten, moet stress-bestendig zijn. De hoofdvakken worden er zeer gedegen en intensief onderwezen, de leerlingen verbreden er hun algemene kennis en verwerven er een methodologie om snel na te denken en goed te werken. Na 2 jaar vinden afvalexamens plaats voor een twintigtal ‘grandes écoles’, waar de Ecole Polytechnique (technische richting) en de HEC (economische richting) de walhalla’s van zijn. Onze dochter houdt het op een ‘préparation économique et commerciale, option scientifique’, alhoewel de bèta-afdeling alle andere deuren opent. Men moet er ook zorgen voor een universitaire inschrijving voor het geval men naast de pot plast (13.000 in 2006). Dat wordt een Rechten Faculteit in Parijs of (oh, afgang!) in Tours. Die ‘classes préparatoires’ hebben iets verheffends, typisch Frans, ‘La France n’est réellement elle-même qu’au premier rang…notre pays doit sous peine de danger mortel viser haut et se tenir droit …Bref, à mon sens la France ne peut être la France sans la grandeur’ (De Gaulle)*, Mrs Madeleine Allbright, die haar Geschiedenis kent, heeft dat mooi van hem afgekeken met haar ‘standing tall and seeing far’…. Men kan daar lacherig over doen, maar men vindt het wel in allerlei vormen in de samenleving terug, zoals bij de ‘grandes écoles’ wier prestige is gebaseerd op kennis en hard werken. De keerzijde is dat de scholen weinig hun best doen de marginale leerling over de streep te trekken.

Onze dochter mocht 6 keuzen doen. Zowat alles in dit land wordt gebenchmarkt, zo ook het 50-tal instellingen die voor de classes préparatoires in aanmerking komen. Een keuze is ook een les in bescheidenheid. Als je niet heel goed bent dan heeft het geen zin te postuleren bij Saint Louis (9.000 aanvragen voor 600 plaatsen), idem Henri IV, er blijven nietemin voeldoende keuzevrijheden over. Ze koos 3 privé en 3 publieke instellingen in de regio van Parijs die tot de beste 15 van de benchmark behoren. Bij iedere aanvraag moest zij haar rapporten van vorig jaar en van de 2 eerste kwartalen van dit schooljaar meesturen + haar cijfers van het eindexamen Frans. Van groot belang zijn de aanbevelingen van de leraren die via het Internet worden doorgegeven. De privé-instellingen vroegen bovendien de rapporten van 2 jaar geleden + een handgeschreven motivatiebrief. Als je 17 bent wat schrijf je dan? Haar broers hebben haar geholpen, een beetje. Dat zij catechisatie geeft aan jonge kinderen staat er ook in. Vroeger zou er een hoongelach zijn opgegaan en als sceptische ouder had ik dat niet zo verwacht, maar van onze andere overtuigingen wordt zoveel uitgehold dat men het oorspronkelijke, waar onze cultuur op gebaseerd is, weer positief gaat zien. De keuze uit 34.000 opleidingen, 8.600 diploma’s en 6.000 scholen is gekristalliseerd tot 6. Dit is slechts het begin.

De classes préparatoires recruteren 54% uit de welvarende klassen, 28% zijn leraarskinderen en 12,7% komen uit het ‘volk’. Gemiddeld kost zo’n leerling 3x zoveel als een student.

)* De FT van 12 februari 2007 zegt er dit van: “And a lot of senior people still pride themselves on being able to have a conversation about things other than business.” It may have something to do with the French education system, which is ferociously rigorous on intellectual pursuits such as philosophy and literature. In France, a person is judged not just on management ability, but also intellectual prowess.