AOb voorzitter Walter Dresscher bakt het in het Onderwijsblad van 22 maart 2008 wel heel bruin. Als voorzitter van de vakbond, die samen met de schoolbesturen de huidige FUWA heeft bepaald, doet hij daar nu opeens zijn beklag over. Alsof de FUWA het produkt is van iemand anders dan de AOb. Zo zegt hij bijvoorbeeld verontwaardigd: “De meeste werkgevers voelen op hun beurt weer niets voor spijkerharde garanties dat meer leraren op basis van ervaring en opleiding in hogere salarisschalen kunnen komen”. M.a.w: de Aob beijvert zich nu opeens voor het bestrijden van haar eigen beleid, en hoopt dat niemand dat door heeft. Zoals de wind waait, waait Dresscher’s jasje.
Reacties zijn gesloten.

achteraf gezien
heb je zeker gelijk, beste snaporaz.
Maar de bedoeling van de FUWA was o.a. ook dat het de carriereperspectieven van docenten zou verbeteren. Voor LC werd zelfs – ik dacht 8% – als minimaal gesteld. De vakbonden verwachtten dus dat meer docenten in hogere schalen terecht kwamen. De schooldirecties zorgden echter eerst voor zichzelf (hogere schalen) en vervolgens o.a. om LD benoemingen te bevriezen; gebruikten FUWA als excuss om geld voor docenten naar andere doelen te sluizen en te zorgen dat docentenfuncties gemiddeld lager beloond werden dan voorheen (Er werd dus heel veel bespaard op docenten!!) Dat was ongetwijfeld niet de bedoeling van de vakbonden. De kans is echter heel groot dat ze nu opnieuw in dezelfde valkuilen gaan trappen. Wil je dat voorkomen dan is er maar een manier: dat niet de schoolleidingen kunnen bepalen wie, waarom meer gaat verdienen. Kortom: beloning op grond van objectieve criteria. Het opleidingsniveau van docenten lijkt me daarvoor nog altijd het eerlijkste en – als je goede leraren in het onderwijs wenst – ook beleidsmatig het verstandigste. Maar ik vrees dat dat weer niet gaat gebeuren als het aan de vakbonden ligt!!!!
De bonden liegen
Wij hebben begin jaren negentig een clubje opstandige eerstegraders gevormd (wij noemden onszelf ‘bol’, bewust ongehuwde docenten).
Wij werden door de bonden uitgenodigd en toen werd er glashard ontkend dat er sprake was van een structurele achterstand. De nahos was gerepareerd. Het loongebouw was weer in evenwicht (dankzij de bond).
Wij kwamen buiten en hebben toen een voor een zelfmoord gepleegd: ik vertel dit vanuit het hiernamaals.
Zonder gekheid: ik voel me nog steeds woedend, machteloos en ziek als ik aan de bonden denk. Het is een verraderlijke club die niets van de leraar wil weten. Lekker voor ze dat ze hun oudere ‘kern’ kwijtraken. En wie jong is en zo gek is om lid van de bond te worden moet maar eens uitrekenen hoe hoog de bijdrage is die ze vragen: als je trouw betaalt scheelt dat ongeveer twee jaar eerder met pensioen. Eigenlijk ben ik wel geneigd om een ‘word nooit lid van de bond’ site te beginnen. -Maar nee, dat doe ik niet, veel te lastig om je vanuit het hiernamaals met zulke banale aardse zaken bezig te houden.
Bewust ongehuwde
leraren?
@weknow
De AOb, en niemand anders heeft de huidige FUWA bedacht, in het belang van de bond zelf en de schoolbesturen. Om de FUWA voor de leraren verteerbaar te maken, verkondigde de bond in het Onderwijsblad, maand in maand uit, dat een “carrière-perspectief” voor hen toch echt noodzakelijk was, en dat ze door middel van de FUWA, semi-managements functies zouden kunnen gaan bekleden om zo hun door de AOb veronderstelde fel begeerde carrières vorm te geven. Inmiddels weten we dat de gemiddelde docent zo’n carrière in de salarisschalen LC of LD als regelneefje en claqeur voor het management helemaal niet ambieert, maar dat hij gewoon wil doen waar zijn hart naar uitgaat: lesgeven aan een klas. Aan al dat semi-management hebben de vakdocenten geen enkele behoefte. Al die voor het management rondrennende regelneefjes met onduidelijke bezigheden, die vaker niet dan wel de docenten voor de voeten lopen, zouden gewoon weer alleen moeten gaan lesgeven. Dan kan eindelijk de salarisverhoging besteed worden aan hen die daar recht op hebben: aan de docenten die al lang voor de klas staan, en hun werk altijd voor de habbekrats van de maandelijkse belediging hebben moeten doen, en ook aan de docenten die vakinhoudelijk goed zijn opgeleid.