De plaats van het havo

JCTraasv2.jpg

 

In NRC Handelsblad van 28 december 2012 schreef Leo Prick een artikel dat nogal wat vragen oproept. Prick maakt zich zorgen over de havo- opleiding. De havo heeft een ‘imagoprobleem’ en het is te moeilijk geworden om na de havo door te stromen naar het vwo. Daarvan worden, meent Prick, vooral leerlingen met een sociaal zwakke achtergrond de dupe.

Het is misschien goed om nog eens terug te kijken naar het ontstaan van de havo. Ik heb daartoe het boekje geraadpleegd ‘De mammoetexperimenten, van v.h.m.o. en u.l.o. naar v.w.o./h.a.v.o./m.a.v.o., eindverslag van de commissie v.w.o./h.a.v.o./m.a.v.o., ’s Gravenhage 1974.’

Eigenlijk zou dit verslag in zijn geheel nog eens gelezen moeten worden door bewindslieden, schoolleiders en leraren. De havo, zo maakt dat rapport duidelijk, was in de Mammoetwet het enige echte nieuwe schooltype, ‘ingeschoven tussen atheneum en m.a.v.o.’ Immers, het zesjarige atheneum was de opvolger van de vijfjarige h.b.s. Want, 80% van de geslaagde h.b.s. ers deed zes jaar over de opleiding en men wilde het zittenblijven sterk terugdringen.  Weliswaar zou het vakkenpakket van de havo ( en van het vwo) veel minder breed worden maar dat wilde men compenseren door meer diepgang in de overgebleven vakken.

De havo werd ook gezien als een opvolger van de m.m.s., de middelbare school voor meisjes, met een niveau dat tussen h.b.s. en u.l.o.  inlag.

Een belangrijke wijziging was, dat waar de vroegere h.b.s. zowel toelating gaf tot wetenschappelijk onderwijs als tot hoger beroepsonderwijs, de havo alleen gericht was op het hoger beroepsonderwijs.

In het kort samengevat, belangrijke doelstellingen van de mammoetwet waren: het rendementsprobleem oplossen, meer differentiatie mogelijk  maken en de doorstroming verbeteren.

Achteraf is het makkelijk vast te stellen dat er van verschillende kanten druk werd uitgeoefend op de havo. De mavo – scholen waren bang dat ze hun beste leerlingen  kwijt zouden raken aan de havo – wat ook vaak gebeurd is – en de vwo afdelingen wilden alleen maar de beste havo-leerlingen als doorstromers

Het geheel werd nog gecompliceerder doordat de betekenis van de eindexamens ging zweven en doordat de scholen meer autonoom werden. Bij daling van het leerlingenaantal werd het verleidelijk om meer leerlingen op een hoger niveau toe te laten dan voorheen gebruikelijk was en de havo vervulde daarbij een belangrijke rol. De eindniveaus van havo-leerlingen daalden soms aanzienlijk maar ja, kon men zeggen, het hoger beroepsonderwijs heeft altijd wel een plaatsje voor zwakke havo-abituriënten…

Als nu Leo Prick zegt dat het niet mogelijk is om leerlingen goed te determineren voor een bepaalde opleiding, heeft hij gedeeltelijk gelijk. Echter, in een stabiele situatie met duidelijke eindtermen kan wel degelijk redelijk goed gedetermineerd worden, dat wil zeggen, het niveau bepaald waarop een leerling het best tot zijn recht komt. Ouderwetse hoofdonderwijzers zaten er niet vaak naast. Maar, in een meritocratie geldt I+ E  =M, ofwel Intelligence plus Effort is Merit, d.w.z. de intellectuele capaciteiten plus ijver bepalen het eindresultaat. In de praktijk  kan dat betekenen dat een ‘goede’ havo-leerling, die zich extra inspant, ook het vwo kan halen.

Maar, zolang er veel verschil is tussen de scholen in programma’s en eisen is het helaas moeilijk goed te determineren en te voorspellen. Alleen al door het volgende: veel leerlingen, ook in de bovenbouw, doen nauwelijks aan huiswerk. Er wordt gewoon niet hard genoeg gewerkt waardoor het niveau onder druk staat.

Los daarvan moet opgemerkt worden dat het misschien helemaal niet gewenst is dat steeds meer leerlingen een ‘algemeen vormende’ opleiding gaan volgen. Het zou beter zijn, zo klinkt steeds vaker vanuit het bedrijfsleven , als veel meer leerlingen een goede technische opleiding volgden. Anders hebben we straks wel heel veel jonge  mensen met een ‘hogere’ opleiding, maar ook veel jonge werklozen, met diploma.

 

J.C. Traas  

5 Reacties

  1. Boeiend verhaal. De Havo

    Boeiend verhaal. De Havo leerling is erg moeilijk te plaatsen. Dat vinden ze zelf ook. Je voelt je ver verheven boven de Mavo. Toch blijk je in je vrije tijd veel meer in gemeen te hebben met die jongens en meisjes van het praktijkonderwijs dan met die VWO'ers die op pianoles zitten en drie keer per jaar op vakantie gaan. Ten minste, zo stel je je dat voor.

    De Havo leerling houdt ook stug vol dat hij gaat studeren, terwijl hij toch echt gewoon een opleiding volgen gaat. Een kritische houding komt op de Havo doorgaans alleen voor in de vorm van mondigheid en een iets te groot vertrouwen in het eigen gezonde verstand.

    Een stopcontact vervangen heb ik er nooit geleerd. Dat kan mijn vader wel, dat hoorde erbij op de Mulo. En met Triviant is hij me vaak de baas.

    Ik vraag me af hoe leraren in het voortgezet onderwijs over de Havo leerling denken. Kunt u hem wel plaatsen?

  2. Er is zelfs een tendens om

    Er is zelfs een tendens om meer vwo-leerlingen te stimuleren een hbo-opleiding te doen. 1. Om in het beroepsonderwijs het niveau wat op te krikken. 2. Omdat veel vwo-leerlingen niet geschikt zijn een universitaire studie te volgen.

  3. De mislukking MAVO/HAVO begon

    De mislukking MAVO/HAVO begon met de pretpakketten. Weinig vakken (6?) zouden voor meer verdieping gaan zorgen, maar de leerlingen kozen vooral voor 'gemakkelijk' en 'prettig'. Dat pretpakket is later teruggedraaid door meer vakken te verplichten.

    Dat HAVO nu positie heeft verloren is m.i. vooral te wijten aan de afschaffing van de MAVO, de stomste onderwijsmaatregel ooit. Zwakkere basisschollleerlingen konden trapsgewijs, via MAVO, doorstromen naar HAVO. Toen de MAVO verdween hadden ouders de keus tussen VMBO of HAVO. Dat gat was veel te groot, want heel veel ouders willen hun kind niet sturen naar het VMBO. Onlangs werd er op deze site verwezen naar een artikel over een Amsterdaamse VMBO-school waarin terloops werd gemeld dat ruim de meerderheid van de leerlingen contact had met iets als maatschappelijk werk. Dat is de reden day veel ouders hun kinderen niet op het VMBO willen zien: ze vrezen verkeerde invloeden. Voor die ouders blijft dan HAVO over en zij willen dan koste wat het kost hun kinderen op de HAVO zien. Ik denk dat hierdoor het HAVO-niveau is aangepast en gedaald.

    Ontstaat er nu een gat tussen HAVO en Atheneum?

  4. Moby suggereert dat de MAVO

    Moby suggereert dat de MAVO zou zijn afgeschaft. Er zijn scholen die het vmbo voor een MAVO hebben ingeruild en als gevolg daarvan een betere leerlingen populatie binnenkrijgen. In het overige wat je zegt heb je gelijk.

Reacties zijn gesloten bij dit onderwerp.