Op de verkeerde weg

Op zichzelf genomen is het natuurlijk wel waar. Leraren moeten goed in hun leervak zijn geschoold. En leraren opsporen die er niets van bakken is beslist ook niet slecht voor het onderwijs. Aan beide gaat nu gewerkt worden. Maar het zal niet veel helpen. Het zijn maatregelen die plaats vinden binnen een structuur waarin ze niet passen. De politici hebben door een halfslachtige privatisering van het gesubsidieerd onderwijs een bedrijfachtige structuur in het onderwijs laten ontstaan waarbij de leraren hun handelings- en beoordelings-vrijheid verloren en naar de werkvloer onderaan de de functiepiramide verhuisden. In zo’n situatie worden goed opgeleide leraren niet goed gebruikt en willen ze ook niet terecht komen. De aantasting van hun eigenwaarde kan immers ook niet gecompenseerd worden door mooie salarissen en lage werkdruk. In tegendeel, ze moeten zich steeds vaker verantwoorden en besteden absoluut en relatief steeds meer tijd aan verslaggeving. Het geld gaat naar hun vaak lager opgeleide bazen hogerop in de piramide. Onder deze omstandigheden is het een illusie te denken dat je het opleidingspeil van de leraren kunt verhogen en daar ook nog eens profijt van zal hebben. Capabele goed in hun vak opgeleide leraren gaan echt niet het onderwijs in om zich voor een laag salaris te laten couillonneren. BON werkt nu mee aan lapwerk binnen een structuur die ongeschikt is om voor goed onderwijs te zorgen. Voor zover de huidige structuur van het onderwijs op een visie berust is dat op een foute visie. Vóór de Mammoetwet wekte het onderwijs in principe met hoogopgeleide leraren in wier deskundigheid vertrouwd werd. Denk aan het eindexamen VWO: het duurde 5 à 6 jaar voordat naar buiten kwam of de leerlingen van de lessen voldoende hadden opgestoken. De leraren konden goed betaald worden omdat de overhead klein en de controle beperkt was. BON zou zich voor het herstel van die toestand hebben kunnen inzetten, bij voorbeeld door ouders en andere over het onderwijs zeer ontevreden mensen er toe te brengen in het parlement een initiatiefvoorstel in te dienen. Dan blijft zij binnen haar principe van politieke neutraliteit. Een andere methode om weer goed onderwijs te krijgen is een volledige liberalisering van het gesubsidieerde onderwijs gecombineerd met een zorgvuldig monitoren van de resultaten. Geen goede resultaten dan geen geld. De overheid is nu weer bezig om de kip en het ei te sparen. Betere outputcontrole gecombineerd met nog meer controle op de lesgevenden (de leidinggevenden blijven buiten schot). De reeds gefrustreerde en reeds zwaar overbelaste leraren moeten nu elkaar gaan controleren en hun diploma’s aanvullen. Typisch lapwerk dat nog meer leraren in de ziektewet zal jagen en nog meer mensen er van zal weerhouden om in het onderwijs te gaan werken. BON moet bij elke bijeenkomst in de onderwijswereld waar zij tegenwoordig mag meedoen een ceterum censeo laten horen of laten doorschemeren: Lapmiddelen zullen een kwaal vaak verergeren. Het huidige onderwijs hoort niet tot de gammele structuren die men kan verstevigen want elke reparatie leidt binnen haar structuur tot verzwakking op een andere plaats. Alleen door de opbouw van een volledig nieuwe structuur zullen we ooit nog eens goed onderwijs terug krijgen.

12 Reacties

  1. Vrije scholen
    Met ‘terug naar voor de mammoetwet’ zul je geen steun krijgen Seger. Met ‘echte vrijheid van onderwijs’: de daadwerkelijke (niet theoretische zoals nu het geval is) mogelijkheid om nieuwe scholen op te richten wellicht wel. Dat zou een betere inzet zijn voor een initiatiefvoorstel naar het parlement toe.

    • Ook zo is het acceptabel
      Als het aannemen van zo‘n initiatiefvoorstel het mogelijk zou maken scholen op te richten die grote gelijkenis tonen met de scholen van vóór de Mammoetwet ben ik er voor in. Want voor mij gaat het ook om echt wiskunde-onderwijs, vertalen en de positie van de klassieke talen, dwz om het curriculum en bij het VWO om een curriculum dat het VWO waardig is. Overweeg jij om bij de door jou voorgestelde opzet wel mee te doen?
      Seger Weehuizen

        • @Mark79
          Je bent (waarschijnlijk) Nederlander en 18-plusser en een gewaardeerd deelnemer van dit forum. Als jij mijn initiatief voor een initiatiefvoorstel steunt zullen andere BONleden jou misschien navolgen. Wat betreft het opstellen van de tekst van het burgerinitiatiefvoorstel voor de 2de kamer werpt jouw uitlandigheid geen ernstige problemen op om daaraan mee te doen. Wat jouw kennis van wat er in het Nederlandse onderwijs speelt betreft heeft jouw 5-jarig verblijf in den vreemde ook geen probleem gevormd.
          Seger Weehuizen

    • Uitwerking suggestie van Mark69
      Ik heb de suggestie van Mark69 verder uitgewerkt door een tekst op te stellen waarvan het de bedoeling is dat hij zowel voor ondertekenaars van het initiatiefvoorstel als voor de parlementariërs als begeleidend schrijven functioneert. Door de aard van het stuk kan ik mij niet tot 2000 tekens beperken en neemt het 3 keer 2000 tekens in beslag. Kenmerk BIVx, waarbij x ϵ {I,II.III}.
      Seger Weehuizen

    • BIVI
      Het getuigt binnen een democratie niet van democratische mentaliteit als een meerderheid een besluit aan een minderheid oplegt zonder dat dat nodig is. Bij het onderwijs was de democratische mentaliteit aanwezig telkens wanneer in de grondwet aan het artikel van Vrijheid van Onderwijs gesleuteld werd. daarnaast kunnen in een getrapte democratie zoals die in Nederland gepraktiseerd wordt gemakkelijk beslissingen genomen worden die de meerderheid der stemgerechtigde Nederlanders niet wil. Als men stemt op een partij vanwege belangrijke programmapunten waar men het mee eens is kan het gebeuren dat men dan die partij tevens volmacht geeft om iets na te streven waarmee men het niet eens is. Daarom is het helemaal niet zeker dat de meerderheid van de Nederlanders het eens is met de manier waarop het gesubsidieerd onderwijs geregeld is.
      Het huidige onderwijs wordt gekenmerkt door een aantal geloven die los staan van religie: geloof in zelfstandig werken, geloof in het werken met groepjes, geloof dat vaardigheden belangrijker zijn dan inzicht, geloof dat men leerlingen met ongelijk denkniveau of belangstelling het beste zo lang mogelijk bij elkaar kan houden, geloof dat didaktische kennis en vaardigheid voor leraren belangrijker is dan gedegen vakkennis, Geloof dat “passend onderwijs” in een klas van 30 leerlingen (of in een verhouding van 1 leraar per 30 leerlingen in een aula) mogelijk is, geloof dat de computer alle problemen kan oplossen, geloof in de mondige leerling die gehoord heeft dat om hem het hele onderwijs draait, geloof dat alle leraren willens zich inzetten voor de briljante ideeën die de schoolleiding of het schoolbestuur bedacht hebben of anders wel omarmd hebben en ten slotte het geloof dat alle ouders, leerlingen en studenten ook in alle vernieuwingen geloven en tevreden zijn. De meeste geloven zijn echt niet meer dan een geloof omdat de juistheid ervan niet door voldoende en voldoende betrouwbaar wetenschappelijk onderzoek bevestigd is.

    • BVII
      Het onderwijs begeeft zich ook steeds vaker op het gebied van de opvoeding. Dat is strijdig met de door de meeste ouders gekoesterde wens dat opvoeding hun exclusieve domein is. In vroegere tijden respecteerde in Nederland de overheid deze wens.
      Dat het gelukt is om voor dit burgerinitiatiefvoorstel 40.000 handtekeningen te verzamelen roept het vermoeden op dat de getrapte democratie de wens van de meerderheid der stemgerechtigde Nederlanders voor een andere organisatie van het onderwijs verduisterd heeft. Minstens toont het aan dat een minderheid die het niet met het ontstane onderwijsstelsel eens is groot genoeg is om voor haar vanuit een democratische mentaliteit en de geest van de grondwet ander en anders georganiseerd onderwijs mogelijk te maken.
      De tegenstanders van het huidige onderwijs vormen geen homogene groep maar velen van hen willen graag naar een toestand die lijkt op die welke er was voordat de Mammoetwet werd ingevoerd. Dat betekent dat scholen klein en categoraal zijn en functioneren met hoog in hun leervak opgeleide grotendeels autonoom functionerende leraren in een omgeving die vrij is van een dikke bemoei- en controle-schil van managers, schoolleiders, besturen en onderwijsontwikkelings- en onderwijsonderzoekende bureau’s. De leraren van zo’n school kunnen net als vroeger het merendeel van hun tijd besteden aan lesgeven, zich daarop voorbereiden of proefwerken nakijken. De mate van verslaggeving over hun lessen en over de prestaties van de leerlingen moet minimaal zijn. Zij moeten een passend en vanwege hun hoge opleiding dus goed salaris hebben en dat geld moet komen uit de besparingen die bereikt worden door een platte hiërarchische structuur en een vermindering met 90% van het aantal mensen dat voor het onderwijs werkt en niet bijna voltijds voor de klas staat. De nieuwe onderwijsmogelijkheid moet naast de huidige bestaan. ……
      Seger Weehuizen

    • BIVIII
      ……………………………………………………………………….. . De verschillen tussen het hier voorgestelde en het bestaande onderwijsstelsel zijn zo groot dat er met parallele structuren gewerkt zal moeten worden.
      Het leerrecht staat boven de leerplicht, leerlingen die door hun onverbeterlijk gedrag het leerrecht van hun leerwillige medeleerlingen aantasten moeten van school verwijderd worden. Voor het borgen van het leerrecht is het nodig met homogene klassen te werken.
      Ouders die voor hun kinderen binnen geen van beide structuren op hun plaats achten moeten ook de kans krijgen om een gesubsidieerde school naar hun wensen op te richten. Particuliere scholen en instituten voor afstandsonderwijs die met voldoende succes voor door het rijk erkende diploma’s opleiden moeten ook gesubsidieerd kunnen worden.
      Wat betreft de opleidingen binnen de parallele structuur bestaat er zeker behoefte om leerlingen vanaf de eerste klas van het vervolgonderwijs echte wiskunde aan te bieden alsmede taalonderwijs op basis van grammatica.
      Verder is het wenselijk dat leerlingen wat betreft de vreemde moderne talen op het eindexamen mogen kiezen tussen het beantwoorden van vragen over een tekst in de vreemde taal en het vertalen van een beschouwende tekst in die taal. Oefenen in vertalen stimuleert het zich nauwkeurig in zijn moedertaal uitdrukken van de leerling.
      Op het eindexamen Gymnasium moeten de proefvertalingen voor Latijn en Grieks gehandhaafd blijven en moet het ook bij de keuze van een β-profiel mogelijk zijn om zowel in Latijn als Grieks eindexamen te doen. Het gymnasium mag best een moeilijkere en zwaardere opleiding zijn dan het overige VWO-onderwijs.
      Op de MAVO moeten weer 3 moderne talen onderwezen kunnen worden zoals dat vroeger op de MULO mogelijk was.

      Constructieve reacties worden zeer op prijs gesteld
      Seger Weehuizen

  2. Je zegt:”De leraren konden
    Je zegt:”De leraren konden goed betaald worden omdat de overhead klein en de controle beperkt was.”

    Dat moet zijn: De leraren konden goed betaald worden omdat het onderwijs minder grootschalig was. Er gingen veel minder kinderen ‘leren’.
    De Mammoetwet is voortgekomen uit de massale toename van het aantal leerlingen.
    Omdat het onderwijs vóór de Mammoetwet kleinschalig was, was de controle beperkt.

    De grootschaligheid is debet aan de lagere salarissen en bovenmatige controle, omdat bij grootschaligheid sociale controle niet meer mogelijk was.

    • @ Hals
      Zeker, in de tijd dat de Mammoetwet werd aangenomen moesten er maatregelen bedacht worden om het onderwijs én goed én betaalbaar te houden. De meeste BONners denken echter dat het laten ontstaan van grootschaligheid en een de dikke dure schil van werknemers in het onderwijs die zelf niet in de klas staan daarbij geen goede keus is geweest. Zij denken ook dat als je de schil heel dun zou maken je met het vrijkomende geld heel veel goeds op de werkvloer zou kunnen doen. Als je zelfstandige Gymnasia, Athenea, HAVO’s, MAVO’s etc. zou oprichten of daarnaar grote scholen zou opsplitsen kun je weer kleinschalig werken al zal een eindexamenklas van 2 leerlingen niet meer zo vaak voorkomen. Ik geloof er in dat als je weer goed in hun vak opgeleide leraren hebt en je ook weer permanent vervelend kinderen van school mag verwijderen de oude situatie met gunstig gevolg hersteld kan worden.
      BON beperkt zich op dit moment inderdaad tot het adviseren waar en wanneer er aanleiding is. Zich inzetten voor een initiatiefvoorstel in de 2de kamer zou in mijn ogen een wenselijke escalatie zijn. En, symbolisch gesproken, mag er van mij bloed aan de paal komen.
      Seger Weehuizen

      • Eens, behalve…
        Ik ben het helemaal met je eens, Seger, behalve met het laatste.

        Ik ben blij dat je de queeste voortzet!

  3. Conservatieve vooruitgang…
    Je kunt nu natuurlijk de hele zaak weer op z’n kop gooien, dat betekent ‘bloed aan de paal’.
    Je kunt het ook via het organische proces geleidelijk laten verlopen. Dat is ‘conservatieve vooruitgang’.
    BON heeft klaarblijkelijk voor het laatste gekozen.

Reacties kunnen niet achtergelaten worden op dit moment.