Jan van Zijl zit met de handen in het haar. Na vijf jaar van totale afbraak van het MBO wil hij wel eens weten wat er nog overeind staat. Let vooral op de laatste twee zinnen, hierdoor wordt het debacle bij de ROC’s heel duidelijk. En ook BON wordt genoemd
www.volkskrant.nl/binnenland/article1360631.ece/Mbo-koepel_wil_de_problemen_boven_tafel_krijgen
Reacties zijn gesloten.

“Het hele mbo-veld begint
“Het hele mbo-veld begint last te krijgen van dat slechte imago, zei Van Tilburg. ”
Rien van Tilburg is de voorzitter van collegevoorzitter van het Agrarisch opleidingencentrum van het Clusius College (toe maar: college) in Noord-Holland.
Ik snap niet waarom hij spreekt van een imagoprobleem. Het imago reflecteert hier toch goed hoe het werkelijk is?
Er is toch pas sprake van een imagoprobleem wanneer het imago slechter is dan de werkelijkheid?
“Nee, niet alles gaat goed, erkenden de collegevoorzitters. Het verzuimbeleid kan beter, de roosters zijn kwetsbaar, en het is vaak een heksentoer om goede vervangers te vinden als docenten uitvallen.
Maar er is een kentering gaande in het mbo, vindt Van Tilburg. ‘Een paar jaar geleden waagde je het als roc-bestuurder niet om iets kritisch over elkaars school te zeggen. We spraken in de MBO-Raad nooit over onderwijskwaliteit.”
Dat niet alles goed gaat is een understatement en een eufemisme.
Blijkbaar is het een kentering dat er nu warempel over de kwaliteit van het onderwijs wordt gesproken…
Bijzonder
De 1-na-laatste zin is werkelijk bijzonder:
[We spraken] louter over werkgeverszaken en hoe je de overheid buiten de deur hield.
Zie je wel…
Persoonlijk heb ik wel erg veel sympathie voor deze meneer van Tilburg. Volgens mij de eerste bestuurder die ook werkelijk ronduit toegeeft dat Bon gelijk heeft (en had).
Zelf zou ik dergelijke bekentenissen ook wel willen horen van de andere bestuurders. Zou aardig zijn als Terpstra ook toegaf dat wat meneer Van Tilburg hier zo openlijk zegt niet geheel bezijden de waarheid is.
Bon kan zijn waarde nu werkelijk bewijzen door mee te denken en werken met Van Tilburg en de zijnen. Volgende stap in de ontwikkeling van beter onderwijs.
(Twee plus een is … drie?)
Nou Jan,………
“Jan van Zijl deed zijn best de pijnpunten te verwoorden: zijn de roc’s te groot geworden, is er nog wel balans tussen vakkennis en zelfontplooiing, zijn de problemen groter bij de algemenere studies dan bij de gerichte vakopleidingen, brengen we de studenten nog wel echt iets bij?”
Nou Jan, echt moeilijk is het niet.
Op dit forum zijn alle antwoorden te vinden.
It does ring a bell
Simon schreef: “Persoonlijk heb ik wel erg veel sympathie voor deze meneer Van Tilburg. Volgens mij de eerste bestuurder die ook werkelijk ronduit toegeeft dat BON gelijk heeft (en had).”
Daar kan ik me wat bij voorstellen. Twaalf jaar geleden kocht ik het vorige huis van Rien van Tilburg (we wonen er nog steeds, met veel plezier). Erg aardige en integere man, die mij uit eigen beweging wees op enkele ‘verborgen gebreken’ aan zijn eigen huis en me handige tips gaf voor het onderhoud aan een en ander. Toen we er in trokken, hadden zijn vrouw en hij de hele boel eerst flink door het sop gehaald. Zulke mensen dus.
Verbaast me niks dat hij zich als bestuurder verantwoordelijk voelt voor een écht goed draaiend instituut, dat zonodig flink in het sop wil zetten, en niet bang is te wijzen op verborgen gebreken.
Helaas zitten niet alle bestuurders zo in elkaar. Evenmin als alle huizenverkopers.
alle reden
Alle reden dus om zo iemand die het goed voor heeft met onderwijs te helpen en te laten horen hoe zijn daden gewaardeerd worden. Hij toont karakter.
Wat een knieval. En BON als
Wat een knieval. En BON als het Canossa van Van Zijl!
CANOSSA
Voor diegene die het niet weet, of nooit van gehoord heeft,
In 1077 deed de Duitse keizer Hendrik IV drie dagen achtereen boete op zijn blote voeten in de sneeuw voor het Kasteel van Canossa om paus Gregorius VII ertoe te bewegen zijn excommunicatie op te heffen. Deze was het voorgaande jaar over de keizer uitgesproken naar aanleiding van de Investituurstrijd. Daaraan wordt gerefereerd in de uitdrukking “naar Canossa gaan”, wat betekent “diep door het stof gaan om vergeving te vragen”, “men moet op zijn stappen terugkeren”.
Bron Wikipedia.
Eerst
de boel verstieren en dan BON te hulp roepen om de rommel op te ruimen?
uhhh
Is het niet aan te bevelen dat deze bestuurders te raden gaan bij die zeer betrokken medewerkers die ziek werden van wat er zich afspeelden op de ROC’s? Zijn het niet deze mensen aan wie vergeving gevraagd moet worden? Misschien zijn het ook deze mensen die kunnen helpen?
Misschien moeten er ook wat ontslagen ongedaan worden gemaakt?
Misschien moet er hier en daar wat excusses worden aangeboden?
Heb je dan liever dat ze de
Heb je dan liever dat ze de boel verstieren en niet om hulp vragen aan partijen die kunnen helpen?
Laten ´we` (het bestuur van BON) hun verzoek tot hulp met open armen ontvangen. Het belangrijkste is dat er het een en ander wordt verbeterd, wie vervolgens hoeveel lof en schande krijgt is van ondergeschikt belang.
we
Bart, met BON is misschien beide te bereiken. Waarom of-of? Geloof me bij BON is het één en ander bekend hoor.
En naar mijn idee is het niet onbelangrijk voor de oplossingsmogelijkheden om de schaarse deskundigheden goed in het oog te houden. Het is geen kattepis wat er de afgelopen jaren is afgebroken.
Prachtige drogreden
Mijn probleem is niet het plannen van genoeg lessen’, zei Heimen van Andel van ROC Aventus, ‘maar die planning uitgevoerd krijgen.
Structuur moet worden aangepast.
Dat o.a. van Tilburg spijt heeft en tot inkeer is gekomen siert deze bestuurder. Waar het echter over gaat is dat het onderwijs veel te veel afhangt van de willekeur van bestuurders. Deze bestuurder draait nu de goede kant op maar waarom zouden we willen afhangen van zo’n bestuurder. Onderwijsbeleid dient democratisch bepaald en getoetst te worden. Schokkend is het om te constateren dat de bestuurders vooral de democratie buiten de deur hebben willen houden en daarbij hun kernactiviteiten volledig hebben verwaarloosd. Wat moet dit pijn doen bij alle werknemers die eruit gewerkt zijn omdat hun houding niet goed was terwijl zij nu hun gelijk in de woorden van deze bestuurder kunnen lezen. En wat moeten de leerlingen hier nu mee?
Moet onderwijsbeleid democratisch bepaald en getoetst worden?
Corgi schreef: “Onderwijsbeleid dient democratisch bepaald en getoetst te worden”.
Hier zitten een paar reuzen van problemen. Welke aspecten van onderwijsbeleid lenen zich voor democratische bepaling en toetsing? Wie vertegenwoordigt hier ‘de democratie’? En hoe zorgen we er voor dat de besluitvorming deugt?
Zo hoeft een schoolbestuur van mij echt niet al het beleid aan alle medewerkers voor te leggen. Over zaken als materieel beheer, de salarisadministratie of opleidingsniveau van conciërges hoeven leraren (en ouders en leerlingen) van mij niet per se inspraak te hebben.
Hier wordt ook het tweede probleem zichtbaar: wie is ‘de democratie’ eigenlijk op school? Wie beslist er allemaal mee over, laten we zeggen, het toegestane aantal absentiemeldingen, of teruggavetermijn proefwerkcijfers? Schoolleiding? Schoolleiding en leraren? Schoolleiding, leraren en ouders? Schoolleiding, leraren, ouders en leerlingen? Vanuit de ‘school als gemeenschap’-gedachte of het ‘klant-leverancier’-model is het antwoord niet evident.
Als een school ‘democratisch’ moet besluiten over selectiecriteria voor LC- en LD-schalen, en leraren mogen daarover meebeslissen, hoe zorg je dan dat de besluitvorming niet oppervlakkig verloopt maar op goede gronden? Met een stemverhouding tussen eerste- en tweedegraders van 1:5 maakt opleidingsniveau geen schijn van kans als criterium. Als gevolg daarvan lopen havo en vwo leeg met eerstegraders. Dat noem ik dus geen ‘besluit op goede gronden’, omdat met de langere termijn geen rekening wordt gehouden.
Of bedoel je puur de parlementaire besluitvorming over onderwijsbeleid? Dat parlement rekent al héél veel beleid niet meer tot de eigen verantwoordelijkheid.
Kwaliteit bewaking van het wat!
@Couzijn,
Onderwijs is een vorm van en onderdeel van de opvoeding. Het maakt mensen startbekwaam in een beroep en als lid van de maatschappij. Wat we hieronder verstaan dient democratisch geborgd te zijn. De overheid bepaalt en controleert en faciliteert.
Het wat wordt door de vakdocenten vertaalt naar het hoe en de managers organiseren en faciliteren binnen de instituten. Wanneer bijvoorbeeld cijfers bekend gemaakt moeten worden, wordt bepaald door de argumenten van de betrokkenen. De manager heeft dan het laatste woord wat mij betreft.
Dat de eerste graders uit het onderwijs vertrekken en kunnen vertrekken is een complex vraagstuk en verdient een aparte blog.
Een leerling is geen klant net zo min als je eigen kinderen klanten zijn. Laten we als docenten meer als ouders denken en handelen en minder in abstractie over onderwijs praten.
@ corgi
Ja mee eens. Al die docenten die hun hele hart gaven, maar weg moesten. Zij die gelijk hadden toen ze in het geweer kwamen. Deze mensen zouden nu deze draai moeten kunnen zien maken. Deze mensen zijn degenen die kunnen helpen naar kwaliteit te komen. Horen zij er iets over?
Of wordt er gewoon geredeneerd deze tijd is voorbij? het zijn wel de mensen of wie de jeugd gaf en van wie de jeugd leerden en voor wie de jeugd respect had.
beleids-keuze binnen de scholen of door schoolkeuze
Je kunt het onderwijsbeleid in principe op 2 manieren demokratiseren. Je kunt van alle scholen demokratische instellingen maken. Maar dan loop je tegen de bezwaren die door Hals genoemd worden op. Maar je kunt ook tegen een probleem aanlopen als je wilt dat je vwo-kind echte wiskunde krijgt. Voor de meeste ouders in een brede scholengemeenschap is dat een onbelangrijke kwestie die door het merendeel van de ouders kan worden tegengehouden. In dit geval zouden veeleisende ouders van VWO-kinderen een eigen school moeten kunnen oprichten. En daarmee is de 2-de manier opgedoemd: Zorg dat er vele kleine gespecialiseerde scholen ontstaan waarheen ouders die ongeveer dezelfde opvatting hebben over wat goed onderwijs is hun kinderen naartoe kunnen sturen.
Seger Weehuizen
NRC: Laat de leraar lesgeven
Op 19 maart 2010 ging het hoofdredactioneel commentaar van NRC ook over CGO en de starre manier waarop de invoerders hieraan vasthouden. De problemen in het MBO worden ook langs die weg steeds breder bekend.