Onderwijsdiscussie de Balie online

8 Oktober jl was er een onderwijsdebat in de Balie. U kunt dat hier terugzien. Klik in het menu bovenin op "de Balie-TV". Deelnemers zijn directeur van een vernieuwende middelbare school school Jasmijn Kester, de hier bekende Eric van 't Zelfde en de hoofdinspecteur van het primair onderwijs Arnold Jonk. 

Voor mij verreweg het indringenste aspect was de steeds ernstiger aanval van koude rillingen en buikpijn die ik kreeg van het verhaal van Jasmijn Kesteren. Niet eens vanwege het type onderwijs dat zij voorstond met alle buzzwords als 21st Century Skills en Sir Ken, maar veeleer vanwege de manier waarop de heilige onderwijsvisie ("wij zijn zeker dat de methode uitstekend is, maar zijn nog zoekend naar de juiste snelheid en wijze van invoering") werd opgelegd. Compleet met een visie van wie wij zijn, en een "kernteam" dat die visie steeds in het vizier houdt. Iedere individualiteit werd daarmee gewurgd.

Ik denk de laatste tijd vaak aan George Orwell, maar hier was Big Brother opnieuw, nu in de gedaante van een voor het oog aantrekkelijke jonge vrouw. We weten uit de verhalen over Hercules dat de roep van de schone Sirenen vele malen gevaarlijker kan zijn dan de morsige Big Brother. 

 

4 Reacties

  1. Ik heb de video uitgekeken.

    Ik heb de video uitgekeken. Het klopt dat Jasmijn een verhaal hield doorspekt met de modieuze engelstalige onderwijskundige taal die de bevlogen vernieuwer hanteert, dat ze haar dia's in haar powerpoint erdoor heen jaagde en mensen over dat laatste klaagden.
    Maar ze werd door Felix Rottenberg, de presentator, op alle mogelijke manieren in de watten gelegd en ze werd door hem bewonderd. 

    Dat gaf een verkeerd beeld. De zaal begon toen vervolgens echt over het onderwijs te spreken, de rol van de inspectie, de moeizame relaties met de bestuurders (expliciet Boor in Rotterdam, van 't Zelfde "Er zijn vijf scholen die al bij de wethouder aangaven dat ze daaruit willen maar dat kan niet) en de professionele ruimte van de leraar, die via ondeskundige schoolleiders allerlei zaken krijgen toegeschoven in plaats van dat die hun werk doen.

    Jasmijn die twee jaar bezig is a la Robinson en vooral projecten en thema's denkt te moeten doen (ze is van po, via leiderschapsopleidingen op die school terecht gekomen en geen vakdocent), kwam er eigenlijk niet echt aan te pas, omdat de mensen haar daar in Meppel wel haar speeltjes gunden. 

    Niets over het probleem of die school wel werkelijk kinderen verder helpt met dit ikgerichte – ieder kind zijn eigen laptop-. Maar ja, zoals ze zei, zijn er nog veel vragen en wordt ze onhelder over de vraag hoe het uitwerkt. 

    Waarom krijgen dit soort inovators met hun zeer specifieke opvatting over 'creativiteit' bij dit soort discussies zo'n prominente plaats? Waarschijnlijk omdat het lekker bekt. Maar serieus hoeven we het niet te nemen, zeker als je ziet dat het tekenfilmpje van Robinson weer passeert waarin onze scholen als lopende band-fabrieken worden afgeschilderd. 

  2. Ze krijgen een prominente

    Ze krijgen een prominente plaats, omdat mensen graag in sprookjes geloven. Dat leidt meteen lekker af van de harde werkelijkheid van de grote onderwijsproblemen waar we in Nederland mee te kampen hebben. Het is, kortom, opium voor hoogopgeleiden.

  3. @Em70

    @Em70

    Komt opium niet oorspronkelijk uit China, net als die keizer zonder kleren? Het is niet alleen opium voor de hoog opgeleiden, maar het is ook noodzakelijk aan het gebruik daarvan mee te doen. Anders verstoor je het plaatje en het gemoedelijk samenzijn. Verder geloof ik er helemaal niets meer van dat die prietpraat werkelijk geloofd wordt. Het is alleen in het individuele belang van iedr afzonderlijk om dat wel te doen. 

    Vul het rijtje maar aan ….

    • De tulpenmarkt ooit lang geleden
    • De ICT bubbel met de nieuwe economie (he, de naam Maurice de Hond komt bovendrijven)
    • De huizenbubbel in Amerika en daarna hier
    • De onderwijsideologie
    • Meer EU
    •  ,,,

    En dan laat ik allerlei abjecte regimes uit het verleden maar er maar even buiten. Allemaal profijtelijk voor hen die er aan mee doen. Je weet dat het fout is, waarschijnlijk fout afloopt, maar op de korte termijn is het dikke winst en je hebt de illusie tijdig te kunnen ontsnappen. Wellicht soms ook de zekerheid dat als je er niet aan mee doet, dat je dan op dat moment al direct de verliezer bent 

     

     

  4. @1_1_2010

    @1_1_2010

    Het is óók in ieders belang om er in te geloven, maar ik denk echt dat veel mensen er écht in geloven. Net als bij die economische bubbels: de hoge en sterk stijgende prijzen van de verhandelde zaken (tulpen, websites, huizen) tonen juist aan dat mensen er echt in geloven: helemaal conform het put-your-money-where-your-mouth-is idee. Als je niet in een huizenbubbel gelooft, ga je er natuurlijk niet aan meedoen; dan verkoop je juist je huis en wacht je tot de boel is ingestort. Ook bij de vastgoedbubbel zijn ongelovigen schatrijk geworden door op een instorting te speculeren. Kon dat maar in het onderwijs!

     

    En ik zie het ook om me heen: het zijn vooral ouders die er echt in geloven. Het is een soort vooruitgangsgeloof, dat ze met bangmakerij en een gevoel van urgentie aan anderen willen opdringen (ook weer zo'n kenmerk van een geloof). Nu hebben die ouders er tegelijkertijd óók een belang bij, want geloven in onderwijsvernieuwing betekent ook dat je je kinderen niet achter hun broek hoeft aan te zitten voor het hen laten maken van huiswerk bijvoorbeeld. Maar kijk naar Claire Boonstra: zij gelooft echt dat het traditionele onderwijs nutteloos is omdat zij gelooft dat zíj er amper wat aan gehad heeft en dat ze veel liever eerder die dingen op school zou hebben geleerd die ze nu pas tijdens haar carrière heeft geleerd. En zij gelooft ook dat dat kan, en dat dat ook voor iedereen zal gelden. Docenten zullen er juist weer vaker in geloven vanwege eigenbelang: het is ontspannener werken als je gebrek aan opleiding en vakkennis niet meer opvalt, en je ook geen orde meer hoeft te houden.

     

    De enigen die er écht niet in geloven, zijn de leerlingen. Die balen weliswaar regelmatig van traditioneel onderwijs (waardoor ze later weer vatbaar worden voor die vernieuwingssprookjes), maar voelen haarfijn aan dat onderwijsvernieuwing allemaal onzin is. Ze lachen zich kriek over waar die volwassenen toch in hemelsnaam mee bezig zijn, en vinden het verder wel best, omdat ze minder hard hoeven te werken.

     

    Interessant is om bij sprookjesgelovigen de proef op de som te nemen. Wát zou er het geval moeten zijn, om je van overtuiging te doen veranderen? Welk feit, welk argument, of welke gebeurtenis zou je overtuiging aan het wankelen brengen? Dan wordt het ingewikkeld voor ze. Want dat weten ze niet. Het kan niet níet waar zijn; het is immers een geloof. Alleen een intense crisis die je met de neus op de feiten drukt en waar je zwaar onder lijdt, wil mensen nog wel eens van hun geloof afhelpen.

     

Reacties zijn gesloten.