Minister komt met visie op ‘nieuwe leren’

Volgens het Brabants Dagblad van 14 april 2007 komen Platerk en Van Bijsterveldt in mei met hun visie op HNL.
—————————————————————–
“Minister van Onderwijs Plasterk en staatssecretaris Van Bijsterveldt komen in mei met hun visie op ‘het nieuwe leren’. Aanleiding zijn klachten van scholieren en studenten over problemen bij de invoering van onderwijsvernieuwing.

De aandacht gaat vooral uit naar het middelbaar beroepsonderwijs (mbo), dat volop experimenteert met het competentiegericht onderwijs, een vorm van het nieuwe leren.
Aanvankelijk zou het competentiegerichte onderwijs met ingang van 1 augustus 2008 zijn beslag krijgen, maar de bewindslieden vrezen dat te overhaaste invoering ten koste gaat van de kwaliteit van het onderwijs en van de leerlingen. In opdracht van het ministerie werkt Bureau Berenschot aan een onderzoek naar de risico’s van deze nieuwe vorm van onderwijs. De uitslag daarvan moet ook in mei bekend zijn.
Overigens heeft minister Plasterk al eerder aangegeven niet terug te willen naar het onderwijs van vroeger.
Over het nieuwe leren is een stevig debat ontstaan tussen voor- en tegenstanders.

– In de zaterdagbijlage Spectrum van het Brabants Dagblad een overzicht van de standpunten: Nieuw onderwijs leidt tot tweespalt.”

bron

17 Reacties

  1. Waarop gebaseerd?
    Ik vraag mij af of dit nieuws klopt. Afgaande op de beantwoording in de Kamer, lijkt mij van niet.

    • Klopt wel
      Berenschot doet inderdaad een onderzoek.

      Heeft 1 van onze Brabantse leden die ‘Spectrum’ bijlage (en een scanner)???

    • Bijlage
      Beste GP61, je laatste link verbindt naar het artikel dat hier al staat. Er werd een bijlage aangekondigd. Staat daar iets in waar we op het forum iets aan hebben?

  2. onderwijs van vroeger
    “De minister wil niet terug naar het onderwijs van vroeger”

    Welk onderwijs van vroeger wordt zo afgewezen? Onderwijs uit de 19e eeuw, eerste helft twintigste eeuw of zo? Zover in de tijd kan toch niet teruggegaan worden in het afwijzen van onderwijs van vroeger?

    Ik ben nu meer dan een kwart eeuw in het VMBO werkzaam (LHNO/LEAO, LBO, VBO, VMBO) Ik kan me de tijd niet herinneren dat ik dag na dag zeer straf en slechts met een boek, bord + krijtje heb gewerkt, terwijl de leerlingen keurig in rechte rijtjes achter elkaar uitsluitend naar mij zaten te luisteren. Het is toch onmogelijk? Als docent hanteer je toch verschillende werkvormen? Je bent binnen je leerstof met verschillende onderwerpen bezig. Die onderwerpen dwingen je toch om je werkvormen te variëren? De ene keer moeten de lln. stil zitten en inderdaad ja, naar je luisteren. Het klopt, hier ben je als docent in een actieve rol, de leerling is hier passief. De instructie moet immers goed gegeven worden en de aandacht voor die instructie moet onvoorwaardelijk zijn.

    In het ander geval laat je de leerlingen met een goede instructie ‘vrij’ om opdrachten uit te voeren. Zeker bij dit deel herken ik elementen van HNL. De leerling is hier degene die volop actief is.
    Zelfstandig informatie opzoeken/verwerken:
    – vroeger in boeken en stoffelijke kranten, nu op het Internet.
    – externe opdrachten. (bedrijven in de wijk bezoeken, beursbezoek)
    – uitnodigen van deskundigen van buiten de school.
    – groepsopdrachten maken (het samenwerken wordt hier ook geleerd)
    – presentaties (vroeger plaatjes, foto’s tonen, toen dia’s, videobandjes, nu met behulp van PowerPoint)
    – waar mogelijk en nodig gebruik maken van het rollenspel.

    Zo kan ik nog door gaan. Is dit het onderwijs van vroeger dat zo afgewezen wordt? Nou, het werkt voor zowel de leerlingen als voor mij. Gezien het grote aantal klachten van leerlingen/studenten zelf werkt HNL niet echt. Ik kan mij daar genoeg bij voorstellen.

    • De crux is
      dat voorstanders van HNL hun ideeën hebben gepropageerd door het onderwijs dat niet HNL was, minder positief af te schilderen dan het was. Ik vraag me nog steeds af of HNL niet ook een manier is geweest om een antwoord te vinden op ontwikkelingen waarvan de oorzaak elders ligt: niet in het onderwijs, maar in het feit dat leerlingen onderwijs er zo’n beetje bij doen, naast hun baantjes en dat ouders veel minder sturend en inperkend optreden in de opvoeding. Volgens mij zijn ordeproblemen en daarmee gepaard gaand spijbelgedrag ten onrechte toegeschreven aan didactische aanpak.

      • HNL, het ei van Columbus
        En of ik het niet 100% eens ben met vooral je eerste zin! Inderdaad heeft men met HNL geprobeerd een antwoord te vinden op bepaalde problemen.

        Ik ben echter wel van mening dat het óók gaat om problemen (ontwikkelingen) binnen het onderwijs. Ik noem hier de vele zij-instromers, onbevoegden die binnen het onderwijs werkzaam zijn. Wie weet, is dat niet zo’n grote ramp in de hogere klassen van het VWO. Misschien kunnen bewezen bollebozen wel een stootje hebben. Ook kan ik mij voorstellen dat voor de praktijklessen Techniek (bijv, de bouw) iemand uit de praktijk die zowel theoretisch als praktisch goed onderlegd is enkele lessen kan verzorgen. Ik vind het wel een crime in het basisonderwijs, het VMBO en de onderbouw VWO dat personen zonder daarvoor te zijn opgeleid van de ene op de andere dag voor de klas staan en maar wat doen.
        Leerlingen hebben heel snel in de gaten wanneer iemand die voor de klas staat niet kundig is. Niet qua kennisoverdracht, noch qua leerling-aanpak. Zij verliezen hun belangstelling voor de les en gaan klieren. Is er zowel van thuis als van school onvoldoende controle dan gaan ze spijbelen, enz, enz.
        Ik ben nog steeds van mening dat leraar zijn een beroep is. Een beroep dat je echt wel moet leren naast een zekere dosis talent dat je bij voorkeur moet hebben.

        De factoren die je genoemd hebt die ertoe leiden dat leerlingen onderwijs er een beetje bij doen, zijn zeer juist. Er is inderdaad te gemakkelijk gedacht dat HNL een passend antwoord op genoemde problemen is.

        • Zij- instromers in het VWO
          was wel een probleem. Ik herinner me de late jaren negentig, begin 2000. Er is toen een heel contingent aan zijstromers door onze school heengejaagd. Er zijn er een paar gebleven: allemaal VMBO. De zij-instromers VWO zijn bij ons allemaal binnen een jaar vertrokken. Bovenbouw leerlingen zijn schijnbaar erg goochem in het wegpesten van mensen. Ik moet eerlijk toegeven dat er weinig medelijden bestond voor het lijden van deze nieuwe leraren- ze werden namelijk veel beter betaald dan wij voor werk dat ze helemaal niet beheersten.

          • Sorry, dat ik zo reageer
            Sorry, dat ik zo reageer, maar hier maak ik me echt kwaad om: Ik moet eerlijk toegeven dat er weinig medelijden bestond voor het lijden van deze nieuwe leraren- ze werden namelijk veel beter betaald dan wij voor werk dat ze helemaal niet beheersten.
            U beheerste dat in het begin wel ? En wat kunnen zij er aan doen dat u zo weinig verdient (volgens u zelf) ?

          • Het staat je vrij om zo kwaad te zijn als je zelf wilt
            Ik ben zelf ook erg vaak kwaad. Onder andere op die idioten die beslissen hoe docenten moeten worden betaald. Mochten oudere docenten het vervelend vinden dat ‘jongere’ docenten wel eens kwaad zijn, dan hadden ze -maar dat is achteraf- er verstandig aan gedaan om in de late jaren tachtig wat minder gemakzuchtig om te gaan met de bezuinigingen. Goed op de winkel passen, heet dat.

            Sinds wanneer is het overigens verplicht om een bepaalde mate van medelijden te voelen? Als je hier uit afleidt dat we niets gedaan hebben om ze te helpen, heb je ongelijk. Achteraf hebben we zelfs veel te veel gedaan, want het was ’trekken aan een dood paard’. Nooit aan moeten beginnen eigenlijk, die mensen hadden zelf moeten beseffen dat ze niet deugen voor dit vak. Een van hen werd nota bene opgesloten in de werkkast. Die is pas laat in de middag weer bevrijd door de schoonmakers. Hilarisch. Als iemand zich verkoopt als lasser, een erg hoog salaris wil, en vervolgens geen twee pijpen aan elkaar krijgt, en dan roept: jawel , maar jullie moeten mij ook leren hoe ik dit werk moet doen!, dan lijkt mij dat de omgekeerde wereld.

            Ik weet dat het onaardig is- en dat spijt me: maar werkelijk, nee, ik had weinig medelijden met ze.

            Overigens, je toevoeging, tussen haakjes, is veelzeggend. Wat moet ik daar van denken? Dat je geen idee hebt hoe leraren betaald worden? Dat je vindt dat we niet moeten zeuren (Simon verdient genoeg, hij vindt (subjectief) het alleen te weinig)? In ieder geval blijkt daar uit dat jij het verschil in betaling geen enkel probleem lijkt te vinden. Dat jij en anderen dat geen enkel probleem vonden, zou er op kunnen duiden dat gebrek aan mede-lijden symptomatisch is voor leraren. Waren de ethische beginselen, waar je je nu op beroept, in het verleden maar met evenveel verve uitgedragen.

          • Er valt heel wat te reageren (I)
            Je schrijft:Mochten oudere docenten het vervelend vinden dat ‘jongere’ docenten wel eens kwaad zijn, dan hadden ze -maar dat is achteraf- er verstandig aan gedaan om in de late jaren tachtig wat minder gemakzuchtig om te gaan met de bezuinigingen. Goed op de winkel passen, heet dat.
            Ik weet van mijzelf dat ik me dit niet hoef aan te trekken. Maar het getuigt wel van onwetendheid als je dit zo generaliserend te berde brengt.

          • Niettemin
            heb ik toch ook collega’s die, achteroverleunend, me toevertrouwen “van mij had je schaal 12 mogen hebben”.
            Om er vervolgens al flierefluitend met 55 met ’n behoorlijk schaal-12 pensioen, al uit te zijn.
            Niet dat ik ze het niet gun, maar toch … rechtvaardig of niet – als ik dan mijn eigen toekosmstperspectief bekijk (tot 65/67 in schaal 10?), dan is er geen sprake van afgunst of jaloezie, maar wel ’n besef van oneerlijke verdeling.

            Het heeft echter geen zin om te zien in wrok; “gedane zaken nemen geen keer”. ’t Is wel daarom dat ik een tijdje juist géén lid ben geweest van ’n vakbond, en met ene Tichelaar in de kamer ook die partij niet zal stemmen (want dat draag ik ‘m toch wel na), maar met de acties in ’t onderwijs een paar jaar geleden heb ik me toch weer bij een – andere – vakbond gemeld. Gewoon, omdat zij mijn steun verdienden en ik achter de acties stond.
            Nu rest ons slechts de vraag: hoe krijgen we de vakbonden zo ver dat zij gaan strijden voor ’n fatsoenlijke beloning naar opleiding en prestatie en niet rusten voordat dat resultaat er ook daadwerkelijk ligt?

          • Er valt heel wat te reageren (II)
            Je schrijft: Overigens, je toevoeging, tussen haakjes, is veelzeggend. Wat moet ik daar van denken? Dat je geen idee hebt hoe leraren betaald worden? Dat je vindt dat we niet moeten zeuren (Simon verdient genoeg, hij vindt (subjectief) het alleen te weinig)? In ieder geval blijkt daar uit dat jij het verschil in betaling geen enkel probleem lijkt te vinden. Dat jij en anderen dat geen enkel probleem vonden, zou er op kunnen duiden dat gebrek aan mede-lijden symptomatisch is voor leraren. Waren de ethische beginselen, waar je je nu op beroept, in het verleden maar met evenveel verve uitgedragen.
            Ik reageerde op je uitlating “ze werden namelijk veel beter betaald dan wij voor werk dat ze helemaal niet beheersten” en vroeg mij af of jij je werk in het begin wel beheerste. En maakte vervolgens de opmerking wat zij er aan konden doen dat meer verdienden dan jij in je beginsituatie (of, voeg ik er nu aan toe in je huidige situatie).
            Ik heb mij daar vaak mee bemoeid, vond het ook niet passen dat een nieuwe docent uit het bedrijfsleven meer ging verdienen dan de zittende docenten. Maar op een gegeven moment moet je je knopen tellen, je kunt op een andere partij gaan stemmen, een andere vakbond kiezen, zelf een vakbond oprichten. Ander werk zoeken. Simon je zegt het maar. Maar aankomen met allerlei insinuerende opmerkingen, daar koop ik niets voor.
            Overigens: een beetje sectie heeft toch invloed op de benoemingen ?

          • Er valt heel wat te reageren (III)
            Nooit aan moeten beginnen eigenlijk, die mensen hadden zelf moeten beseffen dat ze niet deugen voor dit vak.
            Het is maar goed dat je onder speudoniem schrijft en dat niet te achterhalen is op welke school je werkt, want ik vind dit een behoorlijk privacy-aantastende opmerking. Dat je zo je niet-medelijdend-zijn moet onderbouwen….

          • Je hebt moraliteit en privacy wel voor in de mond
            Maar ik heb iedereen altijd frank en vrij verteld wat ik er van vond hoor, GP61. Maak jij je daar maar geen zorgen over. Op school hebben ze geen ogenblik hoeven raden naar mijn gedachten en opvattingen. Ik telde geen knopen. Jij en ik, wij zijn klaarblijkelijk niet uit hetzelfde hout gesneden.

          • Knopen tellen
            Met knopen tellen bedoel ik dat je je op een gegeven moment moet afvragen of iets nog zin heeft. En dan mag jij er allerlei gedachten bij hebben, maar dan vraag ik je nogmaals die voor je te houden, s.v.p.

          • Dat wij onze gedachten voor ons dienen te houden
            is dat de reden waarom je ze vrijelijk ventileert? In alle openheid beste GP61, ik heb geen medelijden met die mensen gehad. En wat daarover jouw ethische standpunt is, is geheel en al jouw zaak. Als je daarenboven vindt dat mensen dergelijke standpunten niet mogen uiten, is dan iets wat je eerst zelf zou moeten tonen: uit dan ook geen standpunten waaruit ergernis blijkt [zie: Sorry dat ik zo reageer; je eigen post hierboven] Doe je dat wel, verwijt anderen dan naderhand niet dat ze, op hun beurt, daarop reageren.

            En nu is het genoeg. Standpunten begrepen. Klaar. Punt uit.

Reacties zijn gesloten.