{"id":778,"date":"2016-05-26T19:10:22","date_gmt":"2016-05-26T17:10:22","guid":{"rendered":"http:\/\/www.beteronderwijsnederland.nl\/vakwerk\/?p=778"},"modified":"2016-05-27T10:49:08","modified_gmt":"2016-05-27T08:49:08","slug":"angst-voor-betaficering","status":"publish","type":"post","link":"http:\/\/www.beteronderwijsnederland.nl\/vakwerk\/2016\/05\/angst-voor-betaficering\/","title":{"rendered":"Misplaatste angst voor b\u00e8taficering sociale wetenschappen"},"content":{"rendered":"<p style=\"padding-left: 30px;\"><a href=\"http:\/\/www.beteronderwijsnederland.nl\/vakwerk\/wp-content\/uploads\/2016\/05\/ciphering-numbers-2961283828065RtvT.jpg\"><img loading=\"lazy\" decoding=\"async\" class=\"alignright size-medium wp-image-779\" src=\"http:\/\/www.beteronderwijsnederland.nl\/vakwerk\/wp-content\/uploads\/2016\/05\/ciphering-numbers-2961283828065RtvT-300x201.jpg\" alt=\"getallen\" width=\"300\" height=\"201\" srcset=\"http:\/\/www.beteronderwijsnederland.nl\/vakwerk\/wp-content\/uploads\/2016\/05\/ciphering-numbers-2961283828065RtvT-300x201.jpg 300w, http:\/\/www.beteronderwijsnederland.nl\/vakwerk\/wp-content\/uploads\/2016\/05\/ciphering-numbers-2961283828065RtvT-768x514.jpg 768w, http:\/\/www.beteronderwijsnederland.nl\/vakwerk\/wp-content\/uploads\/2016\/05\/ciphering-numbers-2961283828065RtvT-1024x686.jpg 1024w, http:\/\/www.beteronderwijsnederland.nl\/vakwerk\/wp-content\/uploads\/2016\/05\/ciphering-numbers-2961283828065RtvT.jpg 1280w\" sizes=\"(max-width: 300px) 100vw, 300px\" \/><\/a>door <strong>Casper Albers<\/strong> en <strong>Tom van der Meer<\/strong><\/p>\n<p><em><a href=\"http:\/\/www.casperalbers.nl\/\">Casper Albers<\/a> is universitair hoofddocent Psychometrie &amp; Statistiek aan de Rijksuniversiteit Groningen. <a href=\"http:\/\/stukroodvlees.nl\/author\/tom-van-der-meer\/\">Tom van der Meer<\/a> is universitair hoofddocent Politicologie aan de Universiteit van Amsterdam.<\/em><\/p>\n<p>Een paar dagen geleden schreef Tweede Kamerlid voor de ChristenUnie Eppo Bruins een <a href=\"http:\/\/www.beteronderwijsnederland.nl\/vakwerk\/2016\/05\/stop-de-betaficering-van-de-sociale-wetenschappen\/\">betoog<\/a> in Vakwerk, het ledenblad van de vereniging Beter Onderwijs Nederland. In deze column pleit Bruins voor een stop op wat hij de b\u00e8taficering van de sociale wetenschappen noemt. Een harde definitie van \u2018b\u00e8taficering\u2019 geeft hij niet, maar we moeten denken aan \u2018modelleren, categoriseren, kwantificeren en reduceren\u2019. Volgens Bruins maakt deze \u2018doorgeslagen kwantificering [\u2026] ons leven niet mooier en niet beter\u2019.<\/p>\n<p>Bruins\u2019 column getuig van een bizar academisch wij-zij-denken. Hij schrijft over kwantitatief-toetsend onderzoek als \u2018onwetenschappelijke claims\u2019, \u2018een wetenschap die niet of nauwelijks relevant is\u2019 en \u2018het voor de gek houden van wetenschappelijke collega\u2019s, journalisten en de ge\u00efnteresseerde leek\u2019. Zijn schijntegenstellingen tussen kwantitatief en kwalitatief onderzoek, en tussen toetsend en relevant onderzoek is iets waar sociaal wetenschappers zelf al decennia geleden van zijn afgestapt. Bruins gaat bovendien stellig uit van onbewezen en onterechte aannames en komt met voorbeelden die met zijn betoog weinig te maken hebben.<\/p>\n<p>Bruins\u2019 betoog is een stap terug. Alleen al uit de titel \u2018stop de b\u00e8taficering\u2019 klinkt de suggestie dat het hier om een recente trend gaat. Niets is minder waar. Ongeveer een eeuw geleden al zette de Groninger hoogleraar Gerard Heymans in Nederland de beginselen van de functieleer uiteen. Hiermee zette hij een nieuwe trend in binnen de psychologie: niet langer werden theorie\u00ebn over menselijk gedrag slechts beredeneerd, ze werden nu ook middels kwantitatief onderzoek gevalideerd. Deze experimentele, kwantitatieve aanpak van Heymans zorgde er niet voor dat hij zich niet meer bezig hield met theorievorming. Integendeel, uit de kwantitatieve studies verkreeg Heymans nieuwe inzichten waarmee hij bestaande theorie\u00ebn beter kon duiden, kon aanscherpen en kon weerleggen. Heymans realiseerde zich dat wetenschap bedrijven een cyclus is waarbij je steeds van het vormen\/aanpassen van de theorie overgaat in het valideren van de (aangepaste) theorie, en terug.<\/p>\n<p>Het belang van die cyclus ontbreekt in het artikel van Bruins.<\/p>\n<p><strong>Schijntegenstelling 1. Kwantitatief toetsend versus gebrek aan inzicht in diversiteit<br \/>\n<\/strong>Bruins\u2019 voornaamste punt van kritiek is dat de kwantitatief toetsende aanpak leidt tot aan een gebrek aan inzicht in diversiteit en condities: \u201cDe doorgeslagen kwantificering leidt tot resultaten die alleen geldig zijn in een afgesloten modelwereld voor gemiddelde mensen. En gemiddelde mensen bestaan niet.\u201d Bruins negeert dat statistische methoden <em>juist <\/em>de diversiteit bekijken. Variatie in uitkomsten en effecten zijn zo\u2019n beetje de kern van statistiek. Het is niet voor niks dat (een van de) meest gebruikte methoden <em>analysis of variance<\/em> (ANOVA) heet: door de diversiteit (kwantitatief) te bestuderen, krijg je inzicht in de processen die menselijk gedrag veroorzaken.<\/p>\n<p>Niemand weerhoudt de onderzoeker ervan om zich in zijn onderzoek te richten op specifieke condities en onderzoeksgroepen. Sterker nog, er is juist grote aandacht voor conditionele effecten. Er zijn allerlei <a href=\"https:\/\/www.mturk.com\/\">tools<\/a> die onderzoekers in staat stellen om deelpopulaties te onderzoeken, of conditionele effecten in kaart te brengen. Sociale wetenschappen waarin frequent kwantitatieve modellen gebruikt worden \u2013 denk onder andere aan sociologie, politicologie, psychologie, communicatiewetenschappen \u2013 kenmerken zich juist door aandacht voor en toetsing van vermeend conditionele effecten.<\/p>\n<p><strong>Schijntegenstelling 2. Kwantitatief toetsen versus gebrek aan relevantie<br \/>\n<\/strong>Bruins stelt bovendien dat kwantitatief toetsende modellen hebben geleid tot een gebrek aan relevantie. Daartoe haalt hij een reeks voorbeelden aan van onderwijskunde tot economie. Helaas hebben de problemen in die voorbeelden weinig te maken met kwantitatief-toetsende modellen. Gebruik van slechte definities is een probleem, ongeacht of dat in kwalitatief of kwantitatief onderzoek gebeurt. Schoolvorming in de wetenschap is een gebruikelijk fenomeen dat bepaald niet voorbehouden is tot de kwantitatieve wetenschappen maar voorkomt in alfa-, b\u00e8ta- en gamma-wetenschappen ongeacht de onderzoeksmethode.<\/p>\n<p>Een zekere mate van schoolvorming is overigens niet eens problematisch. Wetenschap is immers een proces; uitkomsten van wetenschappelijk onderzoek zijn uiteindelijk nooit een vaststaande waarheid. Een theoretische school is als een statistisch model: het is een collectie theoretische en methodologische vooraannames en keuzes. <em>Gegeven<\/em> die aannames en keuzes, kan je uitspraken doen. Die zijn natuurlijk alleen geldig <em>als<\/em> de keuzes en aannames geldig zijn. Dit is zo ongeacht of het kwantitatieve keuzes of kwalitatieve keuzes zijn. Doordat wetenschappers een bepaald vraagstuk vanuit meerdere invalshoeken bekijken en elkaar toetsen, ontstaan diepere inzichten. Problemen ontstaan pas als wetenschappers weigeren voorbij de eigen aannames te kijken, theoretisch en methodologisch.<\/p>\n<p>Bruins\u2019 betoog brengt ons terug naar een methodenstrijd die we al decennia achter ons hadden gelaten. Het vraagt erom de relevantie van de Nederlandse kwantitatieve sociale wetenschappen te verdedigen. Nu zijn er legio voorbeelden te geven hoe kwantitatief-toetsend onderzoek inzicht genereerde heeft dat ons leven verbeterd heeft. Alleen al dit weblog bevat veel recente voorbeelden. Denk aan onderzoek naar criminaliteit onder migranten\/vluchtelingen, naar de invloed van de etnische compositie van de buurt op sociale cohesie, of naar de effecten van het kiesstelsel op burgervertrouwen en stemgedrag. Maar ook de kwalitatieve onderzoeken op dit blog getuigen van een grote relevantie. Denk aan de verschillende onderzoeken naar gender in de politiek, of naar het cruciale onderscheid tussen extreem- en radicaal-rechts.<\/p>\n<p>Bruins\u2019 speelt kwantitatief en kwalitatief onderzoek ten onrechte tegenover elkaar uit. Het verleidt tot een loopgravenoorlogje. En daar willen we niet in mee. Beide benaderingen hebben \u2013 op een verschillende wijze \u2013 evident hun relevantie, afhankelijk van de staat van de theorie en het onderzoeksprobleem. Toetsend onderzoek vindt zijn relevantie juist omdat het stevige theorie\u00ebn of sterke maatschappelijke (en vaak ook: politieke) aannames toetst. Denk aan de dit jaar gehoorde aannames dat vluchtelingen door hun achtergrond crimineler zouden zijn, etnisch gemengde wijken de sociale cohesie zouden schaden, een kiesdrempel de problemen in de politiek zouden oplossen. Die aannames (\u2018een afgesloten modelwereld voor gemiddelde mensen\u2019) waren niet afkomstig van de academici, maar van opiniemakers en politici.<strong>\u00a0<\/strong><\/p>\n<p><strong>Waarom sociaalwetenschappers zo inzetten op onderzoeksmethoden<br \/>\n<\/strong>Het is niet zonder reden dat de methodologie en statistiek zo sterk vertegenwoordigd zijn in de sociale wetenschappen. Als voorbeeld: bij de bacheloropleiding psychologie in Groningen krijgt de student 35 ECTS aan statistiek- en methodologievakken aangeboden; bij de b\u00e8ta-opleidingen is dit meestal niet meer dan 10 ECTS. Data van sociaalwetenschappelijk onderzoek zijn dikwijls veel ingewikkelder om te analyseren dan data van b\u00e8ta-onderzoek. Voor b\u00e8ta-onderzoek heb je enorm ingewikkelde machines \u2013 laserapparaten, deeltjesversnellers, telescopen, et cetera \u2013 nodig om te meten wat je wilt meten, maar uiteindelijk is het vaak (vanzelfsprekend niet altijd) een kwestie van \u2018meting = echte waarde \u00b1 meetfout\u2019: als je maar vaak genoeg meet, wordt de gemiddelde meetfout arbitrair klein.<\/p>\n<p>Bij onderzoek waarbij je niet natuurverschijnselen maar de mens meet, ligt het ingewikkelder. Waar elke appel met 9,81 m\/s<sup>2<\/sup> uit de boom valt, is de ene mens is de andere niet. Individuen reageren verschillend in verschillende situaties \u2013gemiddelde mensen bestaan niet.<\/p>\n<p>Daarbovenop komen nog vertekeningen in de uitkomsten doordat mensen om tientallen mogelijke redenen niet mee willen doen aan het onderzoek (waardoor steekproeven vaak niet meer zomaar representatief zijn). Deze complicerende factoren zorgen ervoor dat een eenvoudige \u201cechte waarde \u00b1 meetfout\u201d noch in kwalitatief noch in kwantitatief informatief genoeg is. En daar draait het uiteindelijk om in de wetenschap: informatie vergaren uit onderzoek. Alleen deugdelijk opgezette en uitgevoerde onderzoeken leiden tot daadwerkelijke informatie.<\/p>\n<p><strong>Achterhaald<br \/>\n<\/strong>We maken zo\u2019n bezwaar tegen het stuk van Eppo Bruins doordat zijn schijntegenstellingen schadelijk zijn: schijntegenstellingen tussen kwantitatief en kwalitatief onderzoek, tussen toetsend en relevant onderzoek, tussen alfa en b\u00e8ta, en b\u00e8ta en gamma. De huidige en toekomstige staat van de sociale wetenschappen is methodenpluriformiteit. De keuze voor een perspectief is meer of minder gepast gegeven de staat van de literatuur. Bij sterke aannames of een sterke theorie is kwantitatief-toetsend onderzoek daarvan vaak zeer geschikt. Bij een zwakke theorie is beschrijvend en verkennend onderzoek om vanuit heterogeniteit theorie te vormen van groot belang. Bruins\u2019 schijntegenstellingen leiden ons daarom alleen maar weg van methodenpluriformiteit.<\/p>\n<p>Bovendien poneert Bruins zijn schijntegenstellingen zonder reflectie. De problemen in zijn voorbeelden hebben weinig met het principe van kwantitatief-toetsend onderzoek van doen. De onjuiste en onbewezen generalisaties in zijn stuk \u2013 over het vermeende gebrek aan methodologische pluriformiteit in Nederland en over de vermeende achterstelling van kwalitatief-onderzoekers in het vergaren van beurzen bij NWO en ERC \u2013 getuigen van een achterhaald Calimero-perspectief.<\/p>\n<p>Op Twitter <a href=\"https:\/\/twitter.com\/eppobruins\/status\/733615972347699201\">reageerde<\/a> Bruins op onze bezwaren, niet door op de argumenten in te gaan maar door te stellen dat zijn betoog vooral bedoeld was om de discussie op gang te brengen. We moeten echter concluderen dat zijn schijntegenstellingen daar niet bij helpen. Bruins\u2019 wij-zij-denken is een echo van de methodenstrijd van dertig jaar geleden die elke discussie doodslaat.<\/p>\n<p><strong>Po\u00ebzie<br \/>\n<\/strong>Tot slot, de beste weerlegging van Bruins\u2019 stelling dat kwantitatief-toetsend onderzoek \u2018ons leven niet mooier en niet beter\u2019 maakt, is de <a href=\"https:\/\/www.youtube.com\/watch?v=VSG9q_YKZLI\">po\u00ebtische beschrijving<\/a> door Richard Feynman.<\/p>\n<p><em>Dit artikel\u00a0verscheen ook op het blog &#8216;<a href=\"http:\/\/stukroodvlees.nl\/misplaatste-angst-voor-betaficering-sociale-wetenschappen\/\">StukRoodVlees<\/a>&#8216;.<\/em><\/p>\n","protected":false},"excerpt":{"rendered":"<p>Kwantitatieve methoden zijn wel degelijk zinvol, evenals de vele andere methoden waar gamma&#8217;s zich van bedienen. Een reactie van <strong>Casper Albers<\/strong> en <strong>Tom van der Meer<\/strong> op het betoog van Eppo Bruins.<\/p>\n","protected":false},"author":1,"featured_media":779,"comment_status":"open","ping_status":"open","sticky":false,"template":"","format":"standard","meta":{"_exactmetrics_skip_tracking":false,"_exactmetrics_sitenote_active":false,"_exactmetrics_sitenote_note":"","_exactmetrics_sitenote_category":0,"footnotes":""},"categories":[42,12],"tags":[],"_links":{"self":[{"href":"http:\/\/www.beteronderwijsnederland.nl\/vakwerk\/wp-json\/wp\/v2\/posts\/778"}],"collection":[{"href":"http:\/\/www.beteronderwijsnederland.nl\/vakwerk\/wp-json\/wp\/v2\/posts"}],"about":[{"href":"http:\/\/www.beteronderwijsnederland.nl\/vakwerk\/wp-json\/wp\/v2\/types\/post"}],"author":[{"embeddable":true,"href":"http:\/\/www.beteronderwijsnederland.nl\/vakwerk\/wp-json\/wp\/v2\/users\/1"}],"replies":[{"embeddable":true,"href":"http:\/\/www.beteronderwijsnederland.nl\/vakwerk\/wp-json\/wp\/v2\/comments?post=778"}],"version-history":[{"count":6,"href":"http:\/\/www.beteronderwijsnederland.nl\/vakwerk\/wp-json\/wp\/v2\/posts\/778\/revisions"}],"predecessor-version":[{"id":787,"href":"http:\/\/www.beteronderwijsnederland.nl\/vakwerk\/wp-json\/wp\/v2\/posts\/778\/revisions\/787"}],"wp:featuredmedia":[{"embeddable":true,"href":"http:\/\/www.beteronderwijsnederland.nl\/vakwerk\/wp-json\/wp\/v2\/media\/779"}],"wp:attachment":[{"href":"http:\/\/www.beteronderwijsnederland.nl\/vakwerk\/wp-json\/wp\/v2\/media?parent=778"}],"wp:term":[{"taxonomy":"category","embeddable":true,"href":"http:\/\/www.beteronderwijsnederland.nl\/vakwerk\/wp-json\/wp\/v2\/categories?post=778"},{"taxonomy":"post_tag","embeddable":true,"href":"http:\/\/www.beteronderwijsnederland.nl\/vakwerk\/wp-json\/wp\/v2\/tags?post=778"}],"curies":[{"name":"wp","href":"https:\/\/api.w.org\/{rel}","templated":true}]}}