Collega's, wanneer er gesproken wordt over problemen in het onderwijs,
wordt er zelden gekeken het eigen aandeel van schoolleidingen daarin.
Steeds meer scholen voeren een personeelsbeleid dat hen niet bepaald
aantrekkelijk als werkgever maakt.
Ze zeggen geen gekwalificeerde mensen te kunnen vinden, waardoor ze
lessen laten uitvallen of onbevoegden voor de klas zetten.
Op mijn school wordt er een prima en bevoegd docent ontslagen. In november
mag hij weer terugkomen voor de volgende cyclus van 3 jaaraanstellingen
('draaideurconstructie').
Dit beleid schijnt op grote schaal plaats te vinden in het onderwijs.
Het hangt samen met het voorkomen van 'wachtgeldaanspraken'. Met geld
dus. Kwaliteit telt kennelijk niet (!).
In die maanden zit hij in de WW, hoewel die wet daarvoor helemaal niet
bedoeld is.
En wij, als collega's, hopen maar dat hij in de tussentijd geen andere
betrekking vindt, en echt terugkomt.
In elk geval krijgen de leerlingen in die tussentijd geen les. "We hebben geen leraar", heet het dan.
"Verder zet het kabinet in op een sterkere positie van leraren", lees ik
op rijksoverheid.nl
Zou dit aspect, het eigen aandeel in het lerarentekort en slecht werkgeverschap, eens onderzocht kunnen worden?