De aanhalingstekens rond ‘hoofdrekenen’ geven aan dat dit rekenen niet is wat de meeste Nederlanders denken, maar een complex van activiteiten die ‘met’ het hoofd worden gedaan, zoals dat in de realistisch-rekenen-literatuur heet: handig’ rekenen, schattend rekenen, en hoofdrekenen op een kladpapiertje.
Nota Werken in het onderwijs Hier ophalen
De Rijksoverheid vermeldt erbij:
R. H. Walda, Hoofd eener Chr. School te Scharnegoutum (1890). Vraagstukjes ter toepassing van de hoofdregels met geheele benoemde getallen. Rekenboekje voor eerstbeginnenden. Sneek: J. Campen.
Eerste Afdeeling. Samentelling
En? Staat onderwijs op de Nationale Wetenschapsagenda van de KNAW? De grootste begrotingspost, de ruggegraat van samenleving en economie? Met een research-budget van enkele promillen, een adviseurs-circus van meerdere procenten, en een overheid van teveel tientallen procenten. Doen we er iets aan, Robert Dijkgraaf? Investeren in wetenschap van onderwijs?
De knappe koppen van de KNAW kijken over het vanzelfsprekende heen: onderwijs staat NIET op de agenda.
Ha, wel de rekenmachine: #28 “Kunnen machines ons helpen kennis te creëren uit bergen informatie?”
Wim Groot en Henriëtte Maassen van den Brink pleiten in De Volkskrant (1 november, p. 25) voor het invoeren van een landelijke centrale eindtermentoets, naar aanleiding van de diploma-ellende bij InHolland en tal van andere instellingen in het HBO en WO.
http://www.volkskrant.nl/vk-online/VK/20101101___/1_024/#original [abonnees]
In het artikel voeren zij een waslijst voordelen op. Ik mis de waslijst nadelen. Ook voor het WO graag een centrale afsluitende toets voor de bachelorfase? Voor beroepsopleidingen zoals de geneeskundige is dat te overzien, maar dat zijn mogelijk juist de opelidingen waar de nood het minst hoog is, als het om diplomafraude en -inflatie gaat. Hef dan liever het WO op.
Uit de woonplaats van Laurens Jansz Coster
H. H. Niesen (1919). Leerboek der cosmographie Haarlem: De Erven F. Bohn.
Competenties in Vlaanderen
Ook in Vlaanderen neemt het denken in competenties een grote vlucht. Zojuist is er een vuistdik boek over verschenen dat het management van competenties tot onderwerp heeft, gekoppeld aan overwegingen van arbeidsrecht.
De Volkskrant heeft tijdens de eindexamens een opgave van de dag. Iedere dag. Donderdag: Russisch-vwo (vraag 42), vrijdag: Spaans-vwo (vraag 32).
[vraag 32 Spaans-vwo, over alinea 6 in tekst 7 examens.nl]
Bepaal van elk van de volgende beweringen of deze juist is of onjuist.
Er is weer een commissie-Meijerink: die biedt vandaag een rapport over de pabo aan, aan de HBO-Raad (opdrachtgever). PDF hier ophalen. Voor persbericht enz. zie de website van de HBO-raad.
Bericht in De Volkskrant p. 2. ‘Alleen betere leerkrachten bij strengere selectie pabo’
Wat ons altijd weer boeit, zeker in het onderwijs, zijn verschillen in intellectuele capaciteiten. In 1994 ontstond er een hoop heisa na publicatie van The Bell Curve, vooral in de VS uiteraard (vanwege de nadruk die de auteurs legden op de mate erfelijke bepaaldheid van die verschillen, ook bij vergelijking van etnische groepen). Vanuit de American Psychological Association kwam als reactie een stand-van-zaken-artikel, door Neisser c.s. (1996). Belangrijke ontwikkelingen in het onderzoek sindsdien, hebben een groep onderzoekers gebracht tot publicatie van een ‘update’, onlangs vrijgegeven door, maar nog niet gedrukt in de American Psychologist.
In de publieke discussie over het rekenonderwijs wordt de leraren het vermogen toegedicht om dat rekenonderwijs weer uit het slop te halen, als ze daar maar adequaat voor worden opgeleid en ondersteund. Zie bijvoorbeeld het rapport van de KNAW-commissie. Het opvallende van dergelijke pleidooien is dat het meestal NIET gaat om het toerusten van leraren om goed onderwijs in de basale rekenvaardigheden te geven, met als het kan nog iets meer. De Stichting Goed Rekenonderwijs is hier de uitzondering, natuurlijk. De meeste verhalen, ook die van de KNAW-commissie, beklemtonen dat leerlingen vooral probleemoplossers moeten worden, dat ze wiskundig moeten leren denken, dat het gaat om het begrijpen van het rekenen, niet zozeer om het correct kunnen rekenen.
19 januari: Een samenvattende tekst is in de maak, zie hier.
Blog van Robert Slavin: No More Excuses: We Can Get All Children Reading
Zie ook:
Robert E. Slavin, Cynthia Lake, Bette Chambers, Alan Cheung & Susan Davis (2009).Effective Reading Programs for the Elementary Grades: A Best-Evidence Synthesis. Review of Educational Research, 79, 1391–1466. abstract / report
Wilmad Kuiper, Monique van der Hoeven, Elvira Folmer, Marja van Graft & Jan van den Akker (2011). Leerplankundige analyse van PISA-trends. SLO. PDF Met inbreng van de volgende collega’s: Helge Bonset, Nelleke den Braber, Lucia Bruning, Kees Buijs, Tiddo Ekens, Harrie Eijkelhof (FISME), Marja van den Heuvel-Panhuizen (FISME), Els Leenders, Berenice Michels, Anneke Noteboom, Sylvia van Os, Harry Paus, Clary Ravesloot, Maaike Roodenboog, Wim Spek, Jos Tolboom.
Hierin o.a. een sectie over wiskunde (lees: rekenen), opmerkelijk realistisch (rekenen) gekleurd. Ik zal een aantal passages citeren. Maar eerst de door SLO zelf gegeven korte beschrijving:
Maandagavond: Presley Bergen legt prima uit dat ICT vooral een high-tech potlood is, geen doel van onderwijs, op zijn best een hulpmiddel.
Dinsdag brengt de post ongevraagd, voor abonnees van Didaktief, het boekje
De tekst is geschreven door Alfons ten Brummelhuis en Melissa van Amerongen, werkzaam bij de Stichting Kennisnet. Zij staan dus niet als auteurs op de omslag, wat doet vermoeden dat dit boekje een bureauproduct van de Stichting is.